Bijlage 1 Bgtb: behorende bij het Besluit glastuinbouw
De berekening van het jaarlijks ten hoogste toegestane verbruik van meststoffen, en meet-, registratie- en rapportagevoorschriften 1. In deze bijlage en de daarop berustende bepalingen wordt onder glastuinbouwbedrijf mede verstaan een akkerbouw- of tuinbouwbedrijf met open grondteelt als bedoeld in artikel 10, eerste lid, en wordt voorts verstaan onder: 2. Indien voor een berekening, uit te voeren ingevolge de voorschriften opgenomen in deze bijlage: Paragraaf 1.1 De inhoud van de jaarrapportage 1.1.1 Degene die een glastuinbouwbedrijf drijft, verbruikt in een kalenderjaar ingeval van grondgebonden teelt, niet meer stikstof onderscheidenlijk fosfor, dan de hoeveelheid die voor het betrokken kalenderjaar als ten hoogste toegestane verbruik is berekend in de voor dat kalenderjaar ingevolge voorschrift 1.1.2 overgelegde jaarrapportage. 1.1.2 Degene die een glastuinbouwbedrijf drijft, overlegt, ieder jaar uiterlijk op 1 mei een rapportage, waarin is opgenomen: De rapportage wordt overgelegd aan het inrichting-bevoegd gezag, en indien lozen type II plaatsvindt, het Wtw-bevoegd gezag. De rapportage wordt overgelegd aan het inrichting-bevoegd gezag en, indien lozen type II plaatsvindt, het Wtw-bevoegd gezag. 1.1.3 De rapportage dient te worden gedaan op een formulier waarvan het model wordt vastgesteld door Onze Minister na overleg met Onze Ministers van Verkeer en Waterstaat en van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. 1.1.4 De rapportage wordt door een door het bevoegd gezag geaccepteerde deskundige beoordeeld op juistheid en volledigheid. Een bewijs van de beoordeling, afgegeven door of namens degene die de beoordeling heeft uitgevoerd, wordt bij de rapportage gevoegd. Een door het bevoegd gezag geaccepteerde deskundige: Paragraaf 1.2 De berekening van het jaarlijks ten hoogste toegestane verbruik van ingeval van grondgebonden teelt, stikstof, onderscheidenlijk fosfor, ten behoeve van de jaarrapportage. 1.2.1 Indien gedurende een of meer weken op een gedeelte van het te
- – lijst 1: de bij deze bijlage behorende lijst 1;
- – lijst 2: de bij deze bijlage behorende lijst 2;
- – milieutaakvelden: energie, stikstof en fosfor;
- – opkweek: eerste fase van het telen van gewassen, waarna het gewas het glastuinbouwbedrijf verlaat om op een ander glastuinbouwbedrijf verder geteeld te worden;
- – teeltoppervlak: oppervlak, uitgedrukt in m2, gelegen onder een permanente opstand van glas of van kunststof, dat kan worden gebruikt voor het opkweken of verder telen van gewassen;
- – teeltperiode: periode gedurende welke een gewas wordt opgekweekt of verder geteeld, uitgedrukt in weken.
- – het aantal weken dat wordt opgekweekt of verder geteeld, moet worden gebruikt, wordt bij meer dan 3,5 dag afgerond naar een week;
- – het aantal hectares waarop wordt opgekweekt of verder geteeld, moet worden gebruikt, wordt een nauwkeurigheid van vier cijfers achter de komma aangehouden.
- a. het adres van het glastuinbouwbedrijf;
- b. de naam en adres van degene die het glastuinbouwbedrijf drijft;
- c. over het voorafgaande kalenderjaar het ingevolge voorschrift 3.1.3:
- – onder b, berekende verbruik van stikstof; en
- – onder c, berekende verbruik van fosfor.
- d. het teeltoppervlak van het glastuinbouwbedrijf;
- e. een overzicht van de gewassen die opgekweekt of verder geteeld worden of, indien een gewas is ingedeeld bij een gewasgroep, de gewasgroepen, waarbij per gewas, onderscheidenlijk gewasgroep wordt aangegeven:
- – het teeltoppervlak;
- – de teeltperiode en
- – het gewas dat wordt opgekweekt;
- f. indien in een kalenderjaar op een gedeelte van het teeltoppervlak geen gewassen worden opgekweekt of verder geteeld: een opgave van die gedeelten, uitgedrukt in m2, en het aantal weken waarin geen gewassen worden opgekweekt of verder geteeld;
- g. het ten hoogste toegestane verbruik van:
- 1°. stikstof, ingeval van grondgebonden teelt, berekend op de wijze, aangegeven in de voorschriften 1.2.5 en 1.2.6;
- 2°. fosfor, ingeval van grondgebonden teelt, berekend op de wijze, aangegeven in de voorschriften 1.2.7 en 1.2.8.
- h. indien lozen type II plaatsvindt tevens:
- 1°. de over het voorafgaandekalenderjaar ingevolge voorschrift 15, eerste lid, onder a, van bijlage 3 gemeten geloosde volumes spuiwater, drainwater en drainagewater,
- 2°. de over het voorafgaande kalenderjaar ingevolge voorschrift 15, eerste lid, onder d, van bijlage 3 gemeten gehalte aan stikstof- en fosforverbindingen,
- 3°. de wijze van lozing,
- 4°. de datum van monstername, en
- 5°. de teeltwijze.
- – is in staat een bureaucontrole op de juistheid en volledigheid van gegevens uit de registratie uit te voeren;
- – voert berekeningen uit overeenkomstig de voorschriften van dit besluit;
- – voert zijn werkzaamheden uit overeenkomstig de door geaccepteerde deskundigen overeengekomen gebruiken.
- a. G: het aantal kilogrammen N per hectare opgenomen in de in lijst 1, onderdeel C, voor het betrokken kalenderjaar geldende kolom achter «onbeteeld teeltoppervlak», en
- b. H: het aantal kilogrammen P per hectare opgenomen in de in lijst 1, onderdeel D, voor het betrokken kalenderjaar geldende kolom achter «onbeteeld teeltoppervlak».
- a. het verbruik van stikstof op de wijze aangegeven in voorschrift 3.1.8;
- b. het verbruik van fosfor op de wijze aangegeven in voorschrift 3.1.10, en
- c. de geteelde gewassen, het beteelde oppervlak per gewas en de start en de einddatum van de teelt.
- a. het verbruik van stikstof op de wijze aangegeven in voorschrift 3.1.9, en
- b. het verbruik van fosfor op de wijze aangegeven in voorschrift 3.1.11.
- a. het verbruik van stikstof op de wijze aangegeven in voorschrift 3.1.9, en
- b. het verbruik van fosfor op de wijze aangegeven in voorschrift 3.1.11.
- 1. Ten behoeve van de berekening van het verbruik van stikstof, bedoeld in voorschrift 3.1.9, worden na ieder gebruik van meststoffen van een factuur of ander schriftelijk afleveringsbewijs van kunstmeststoffen, organische meststoffen en potgrond afgelezen en in een logboek geregistreerd:
- a. de volledige merknaam, de samenstelling en het soortelijk gewicht van de betrokken meststof en
- b. het hoeveelheid gebruikte meststoffen, uitgedrukt in kilogrammen of liters.
- 2. Van alle aanwezige meststoffen wordt op 1 januari van elk jaar de voorraad opgetekend en worden per meststof geregistreerd de volledige merknaam, zoals die op de verpakking is vermeld, de naam en het adres van de leveranciers en de hoeveelheid, uitgedrukt in kilogrammen of liters.
- 1. Ten behoeve van de berekening van het verbruik van fosfor, bedoeld in voorschrift 3.1.11, worden na ieder gebruik van meststoffen van een factuur of ander schriftelijk afleveringsbewijs van kunstmeststoffen, organische meststoffen en potgrond afgelezen en in een logboek geregistreerd:
- a. de volledige merknaam, de samenstelling en het soortelijk gewicht van de betrokken meststof en
- b. de hoeveelheid gebruikte meststoffen, uitgedrukt in kilogrammen of liters.
- 2. Van alle aanwezige meststoffen wordt op 1 januari van elk jaar de voorraad opgetekend en worden per meststof geregistreerd de volledige merknaam, zoals die op de verpakking is vermeld, de naam en het adres van de leveranciers en de hoeveelheid, uitgedrukt in kilogrammen of liters.