Art. 48 Organisatie-, mandaat- en volmachtbesluit SZW 2002, Hoofdstuk 6. Algemene bepalingen ten aanzien van de uitoefening van taken en bevoegdheden
Organisatie-, mandaat- en volmachtbesluit SZW 2002
De vertegenwoordigingsbevoegde maakt geen gebruik van een aan hem verleende bevoegdheid in de gevallen waarin hij weet of redelijkerwijze moet vermoeden dat diens leidinggevende een besluit dient te nemen of een stuk dient vast te stellen en te ondertekenen.