Art. 117a Besluit zeevarenden, Bijzondere bepalingen voor de bemanning van zeeschepen
1. De schipper van een vissersvaartuig draagt er zorg voor dat voor het ondernemen van een reis een voldoende aantal bemanningsleden in het bezit is van het certificaat reddingmiddelen.
2. De schipper wijst een visser, die in het bezit is van het certificaat reddingmiddelen, aan die de leiding heeft over de te gebruiken groepsreddingmiddelen van een vissersvaartuig.
3. De schipper wijst tevens een visser, die in het bezit is van het certificaat reddingmiddelen, aan als plaatsvervanger van de visser, bedoeld in het tweede lid.