Art. 4 Verordening op de Raad voor Geschillen
Verordening op de Raad voor Geschillen
1. Een lid van de Raad is onpartijdig en onafhankelijk. Hij heeft geen nauwe persoonlijke of zakelijke banden met één of beide partijen of één of meer van de medeleden van de Raad. Hij heeft geen rechtstreeks persoonlijk of zakelijk belang bij de afloop van het geding.
2. Het lidmaatschap van de Raad is onverenigbaar met het lidmaatschap van het bestuur van de NOvAA, de Raad van Tucht, het College van Beroep voor het Bedrijfsleven, een door of namens de NOvAA ingesteld lichaam en met het dienstverband met de NOvAA.