Art. 11 Besluit financiële verhouding 2001, Bijzondere bepalingen in verband met enkele verdeelmaatstaven voor het gemeentefonds

Besluit financiële verhouding 2001

1. Onder slechte grond wordt verstaan: een minimaal 5 meter dik aaneengesloten pakket holocene klei- en/of veenlagen dat zich binnen 8 meter onder het maaiveld bevindt. Binnen deze definitie worden onderscheiden:

a. kleigebied: de cumulatieve veendikte bedraagt in dit gebied maximaal 50 cm;

b. klei/veengebied: de cumulatieve veendikte bedraagt tussen de 50 en 400 cm;

c. veengebied: de cumulatieve veendikte bedraagt minimaal 400 cm.

2. Onder goede grond wordt verstaan grond die niet aan de omschrijvingen onder a, b en c in het eerste lid van dit artikel voldoet.