Bijlage 1E Regeling uitvoering Subsidieregeling programma technologie en samenleving
Regeling uitvoering Subsidieregeling programma technologie en samenleving
Dit deelprogramma beoogt de ontwikkeling en toepassing van technologie te stimuleren die bijdraagt aan sociale integratie van doelgroepen van sociaal beleid. Kernbegrippen daarbij zijn sociale integratie, sociale cohesie en sociale kwaliteit. Voorstellen voor projecten moeten binnen één van de volgende aandachtsgebieden passen: De twee aandachtsgebieden zijn voortgekomen uit een verkennende studie (technologiescan) die in het najaar van 1999 is uitgevoerd. Voor beide aandachtsgebieden geldt dat de projecten zich moeten richten op de oplossing van maatschappelijke knelpunten, waarbij de behoeften van de doelgroep centraal staan. Een goed draagvlak is dan ook essentieel: men dient in de projecten aansluiting te zoeken bij de burger, waarbij bedrijven en maatschappelijke organisaties, door middel van publiek-private samenwerking, het belang ervan onderschrijven. Om voor subsidie in aanmerking te komen dienen voorgestelde projecten duidelijk te specificeren wie de doelgroep is, welke doelen worden nagestreefd en hoe deze worden vertaald naar meetbare maatschappelijke en economische resultaten. De projecten moeten nadrukkelijk een voorbeeldfunctie hebben en in principe overdraagbaar zijn naar andere situaties. Ze laten zien dat met de innovatieve inzet van technologie de beoogde maatschappelijke en economische resultaten behaald kunnen worden. Aansluiting bij (bestaande) initiatieven uit andere overheidsprogramma's waarbij sociale kwaliteit eveneens een aandachtspunt is, kan synergie bewerkstelligen en het effect versterken. Het deelprogramma zal worden begeleid door een projectgroep waarin de Ministeries van Economische Zaken (EZ) en Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) deelnemen. Daarnaast zullen ook andere organisaties en functionarissen vertegenwoordigd zijn, die op diverse manieren betrokken zijn bij (de uitvoering van) sociaal beleid, zoals gemeenten, maatschappelijke ondernemingen, uitvoerende instellingen en bedrijfsleven.
- De communicerende burger De zelfstandigheid en mondigheid van de burger is een belangrijk aspect van de sociale kwaliteit van elke samenleving. De burger heeft als informatieconsument de mogelijkheden de afgelopen jaren enorm zien toenemen door de toename in informatiemedia. Nu komen daar ook, bijvoorbeeld via internet, de mogelijkheden van informatieproducent bij. De burger neemt niet alleen informatie op, maar hij laat zich ook 'horen' en levert zo een zinvolle bijdrage aan zaken die hemzelf en zijn buurt betreffen. Er ontstaat zo een actieve wisselwerking tussen de burger en zijn maatschappelijke context, waarbij de sociale behoeften van de burger (mede) bepalend zijn. Dit sluit aan bij het streven van de overheid naar meer vraagsturing (onder meer via privatisering). Projecten binnen dit aandachtsgebied richten zich op de stimulering van die actieve sociale betrokkenheid.
- Leefbaarheid van buurten De leefbaarheid is gebaat bij een goed onderhouden, veilige en bedrijvige buurt met een lage werkloosheid. Verbetering van de leefbaarheid op zowel fysiek, economisch als sociaal vlak leidt tot een aantrekkelijke omgeving voor bedrijven, werknemers en klanten. De bewoners beschikken over voldoende koopkracht en onderhouden onderling een goed sociaal contact. Projecten binnen dit aandachtsgebied richten zich op de versterking van de sociale binding van de bewoners met hun buurt. De behoeften van de wijk en haar bewoners moeten daarbij centraal worden gesteld en een actieve inbreng van de bewoners dient te worden nagestreefd.