Art. 11a Rspog, Toewijzing verblijfsruimte in inrichting of afdeling
Regeling selectie, plaatsing en overplaatsing van gedetineerden (Rspog)
1. De directeur kan een gedetineerde die in een gemeenschapsregime is geplaatst, een voor de gemeenschappelijke onderbrenging van gedetineerden bestemde verblijfsruimte toewijzen, tenzij de gedetineerde daarvoor ongeschikt wordt geacht.
2. Ongeschiktheid van een gedetineerde als bedoeld in het eerste lid kan samenhangen met:
a. diens psychische gestoordheid;
b. diens verslavingsproblematiek;
c. diens gezondheidstoestand;
d. diens gedragsproblematiek;
e. de achtergrond van het door hem gepleegde delict;
f. de aan hem opgelegde beperkingen.