Art. 24 Wet bescherming persoonsgegevens, De verwerking van bijzondere persoonsgegevens
Wet bescherming persoonsgegevens
1. Een nummer dat ter identificatie van een persoon bij wet is voorgeschreven, wordt bij de verwerking van persoonsgegevens slechts gebruikt ter uitvoering van de betreffende wet dan wel voor doeleinden bij de wet bepaald.
2. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen andere dan in het eerste lid bedoelde gevallen worden aangewezen waarin een daarbij aan te wijzen nummer als bedoeld in het eerste lid, kan worden gebruikt. Daarbij kunnen nadere regels worden gegeven over het gebruik van een zodanig nummer.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- ABRvS 18 september 2019, ECLI:NL:RVS:2019:3209
- ABRvS 3 september 2008, ECLI:NL:RVS:2008:BE9698
- Rb. 's-Gravenhage 7 september 2011, ECLI:NL:RBSGR:2011:BR7092
- Rb. Zeeland-West-Brabant 14 februari 2014, ECLI:NL:RBZWB:2014:1100
- Rb. Rotterdam 22 juni 2016, ECLI:NL:RBROT:2016:4667
- Rb. Amsterdam 28 maart 2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:2295
- Hof Arnhem 12 juli 2011, ECLI:NL:GHARN:2011:BR5585