Art. 1 Regeling erkenning en examinering Besluit vluchtige organische stoffen Wms 2000, Eindtermen
Regeling erkenning en examinering Besluit vluchtige organische stoffen Wms 2000
De eindtermen bevatten ten minste de volgende onderwerpen:
a. De deelnemer is in staat te omschrijven wat met het begrip ‘goed huisvader’ (good housekeeping) tijdens het klaarmaken en verwerken van verf- en lakproducten wordt bedoeld.
b. De deelnemer is in staat de invloed van vluchtige organische stoffen op mens en milieu aan te geven.
c. De deelnemer is in staat aan te geven welke wet- en regelgeving inzake het milieu van toepassing zijn op het beroepsmatig verwerken van verf- en lakproducten.
d. De deelnemer kan voorbeelden noemen van zaken die in de milieuwetgeving worden geregeld; hij weet wanneer een vergunning is vereist en wie met controle is belast.
e. De deelnemer is in staat maatregelen te noemen die leiden tot beperking van de uitworp van vluchtige organische stoffen en van afval.
f. De deelnemer is in staat de verf of de lak en de apparatuur te beschrijven waarmee op een milieusparende manier een laklaag kan worden aangebracht.
g. De deelnemer kent de betekenis van de etiketten die op de verpakking van verf of lak zijn aangebracht en waarom deze zijn voorgeschreven.
h. De deelnemer is in staat de mogelijkheden te noemen afval ten gevolge van het gebruik van verf of lak te beperken.
i. De deelnemer is in staat de verschillen aan te geven tussen oplosmiddelrijke verf- en lakproducten, high solids en watergedragen verf- en lakproducten.
j. De deelnemer is in staat afwijkingen van het spuitpatroon te onderkennen.
k. De deelnemer is in staat persoonlijke beschermingsmiddelen te noemen die bij het spuiten van verf of lak zijn vereist.
l. De deelnemer is in staat het geleerde in de praktijk te tonen.