Art. 15 Tijdelijke subsidieregeling projecten maatschappelijke opvang en geestelijke gezondheidszorg 2000, Overige subsidievoorschriften

Tijdelijke subsidieregeling projecten maatschappelijke opvang en geestelijke gezondheidszorg 2000

1. De subsidieontvanger informeert het College voor zorgverzekeringen onmiddellijk over:

a. een wijziging van zijn statuten;

b. een dreiging dat hij in de toestand komt te verkeren dat hij heeft opgehouden te betalen of het voornemen om zijn faillissement of surséance van betaling aan te vragen;

c. aan hem verleende surséance van betaling of zijn faillietverklaring;

d. overmacht of dreigende overmacht van de subsidieontvanger waardoor hij de subsidievoorwaarden niet meer nakomt of waardoor dreigt dat hij de subsidievoorwaarden niet meer zal kunnen nakomen;

e. alle andere feiten en omstandigheden die van belang kunnen zijn voor een goede uitvoering van dit besluit.