Art. 4:3 Regeling herplaatsingsprocedure BZK 2000, Zoeken naar een passende functie en plaatsing

Regeling herplaatsingsprocedure BZK 2000

1. Indien het ontvangende bevoegd gezag het voornemen heeft om de voorgedragen herplaatsingskandidaat te plaatsen, deelt deze dit schriftelijk aan de herplaatsingskandidaat mee.

2. De herplaatsingskandidaat kan op grond van de Regeling procedure bij reorganisatie binnen twee weken na de mededeling zijn bedenkingen tegen het voornemen kenbaar maken bij het ontvangende bevoegd gezag.

3. Indien door de herplaatsingskandidaat tijdig bedenkingen kenbaar zijn gemaakt, wordt de herplaatsingsadviescommissie, bedoeld in paragraaf 7, door het ontvangende bevoegd gezag schriftelijk om advies gevraagd, tenzij de commissie reeds ter zake heeft geadviseerd in welk geval het ontvangende bevoegd gezag het reeds gegeven advies betrekt bij zijn beslissing op de bedenkingen.

4. Indien het ontvangende bevoegd gezag de bedenkingen gegrond verklaart, trekt deze het voornemen tot plaatsing in met inachtneming van artikel 4:4.

5. Indien het ontvangende bevoegd gezag de bedenkingen ongegrond verklaart, plaatst deze de herplaatsingskandidaat in de functie.