Bijlage 47 Subsidieregeling agrarisch natuurbeheer: mestafzetgebied

Subsidieregeling agrarisch natuurbeheer

Het landsdeel, dat wordt gevormd en omsloten door het grondgebied van de gemeenten Hardenberg, Ommen, Nieuwleusen, Zwolle, Hattem, Oldebroek, Elburg, Nunspeet, Harderwijk, Ermelo, Putten, Nijkerk, Amersfoort, Soest, Zeist, Driebergen-Rijssenburg, Wijk bij Duurstede, Amerongen, Rhenen, Kesteren, Dodewaard, Druten, West Maas en Waal, Wamel, Lith, ’s-Hertogenbosch, Heusden, Waalwijk, Geertruidenberg, Drimmelen, Oosterhout, Breda, Etten-Leur, Rucphen en Roosendaal, de rijksgrens met België en de Rijksgrens met Duitsland. Beheersbijdragen mestafzetgebied (Bedragen in gulden per ha. per jaar, onderscheiden naar grondsoort) Bijlage Beheerspakket veen klei zand 6 Ontwikkeling kruidenrijk grasland 1930 2220 2280 7 Instandhouding kruidenrijk grasland 2150 2450 2500 8 Bont hooiland 2400 2700 2760 9 Bonte hooiweide 2160 2700 2760 10 Kruidenrijk weiland 1930 2220 2280 11 Bont weiland 2400 2700 2760 12 Bonte weiderand 2470 2780 2840 13 Bonte hooirand 2470 2780 2840 14 Kruidenrijke zomen 4090 4420 4470 15 Landschappelijk waardevol grasland 860 910 1040 16a Weidevogelgrasland met rustperiode 1 april tot 1 juni 1000 660 790 16b Weidevogelgrasland met rustperiode 1 april tot 8 juni 1120 1050 1230 16c Weidevogelgrasland met rustperiode 1 april tot 15 juni 1370 1460 1580 16d Weidevogelgrasland met rustperiode 1 april tot 22 juni 1490 1570 1670 17 Vluchtheuvels voor weidevogels 1370 1460 1580 18a Plas-dras voor broedende en trekkende weidevogels, inundatieperiode 15 febr. – 15 april 1680 1800 1920 18b Plas-dras voor broedende en trekkende weidevogels, inundatieperiode 15 febr. – 15 mei 2350 2510 2610 19 Algemeen weidevogelgebied 260 240 260 20 Belangrijk algemeen weidevogelgebied 340 310 340 21 Soortenrijk weidevogelgebied met kritische soorten 440 450 490 22 Zeer Soortenrijk weidevogelgebied met kritische soorten 540 550 600