Bijlage 28 Subsidieregeling agrarisch natuurbeheer: beheerspakket : Akkerflora randen
Subsidieregeling agrarisch natuurbeheer
1. De beheerseenheid grenst aan een terrein dat in gebruik is als bouwland. 2. In het zesde jaar zijn tenminste 25 inheemse plantensoorten in een vlak van 25m2 aanwezig. Voor zandgronden met een grondwatertrap VI of VII, geldt dat tenminste 15 inheemse plantensoorten in een vlak van 25 m2 aanwezig dienen te zijn, waarvan ten minste 2 van de 3 volgende soorten: korensla, slofhak en kleine leeuwenklauw. 3. Op de beheerseenheid wordt alle jaren graan, met uitzondering van mais, verbouwd. 4. In de beheerseenheid vindt geen mechanische onkruidbestrijding plaats vanaf het zaaien tot de oogst en is het gebruik van chemische onkruidbestrijdingsmiddelen niet toegestaan, met uitzondering van pleksgewijze bestrijding van haarden met akkerdistel, ridderzuring of kleefkruid. 5. Bemesting van de beheerseenheid is niet toegestaan. 6. De beheerseenheid heeft een breedte van ten minste 3 meter en ten hoogste 12 meter en een lengte van ten minste 50 meter. Beheersbijdrage per ha per jaar: fl. 1220,- Bij Stcrt. 2000/228 is in artikel VI een bepaling betreffende de toepassing gepubliceerd.