Art. 6 Regeling aanwijzing nationaal park in oprichting De Utrechtse Heuvelrug

Regeling aanwijzing nationaal park in oprichting De Utrechtse Heuvelrug

In het overlegorgaan hebben zitting:

a. een door de minister te benoemen lid, tevens voorzitter;

b. door de minister te benoemen leden, als vertegenwoordiger en op voordracht van respectievelijk:

1. de provincie Utrecht;

2. de stichting het Utrechts Landschap;

3. Staatsbosbeheer;

4. de Vereniging Natuurmonumenten;

5. de Stichting Stichtse Milieufederatie;

6. de gemeenten Amerongen, Maarn, Rhenen, Doorn, Leersum, Driebergen-Rijsenburg, Veenendaal en Woudenberg

7. de particuliere eigenaren;

8. het waterschap Vallei en Eem en het waterschap De Stichtse Rijnlanden;

9. de recreatie-ondernemers en gebruikers;

10. de agrarische gebruikers;

11. het recreatieschap Utrechtse Heuvelrug, Vallei- en Kromme Rijngebied.

c. de Directeur van de Directie LNV Noordwest van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij.