Art. 6 Vrijstellingsregeling grondverzet, (de melding)

Vrijstellingsregeling grondverzet

1. De melding, bedoeld in artikel 3, geschiedt onder aanduiding van:

a. het tijdstip waarop de grond wordt aangebracht;

b. de plaats waar de grond gebruikt zal worden;

c. het doel van het grondwerk;

d. de kwaliteit van de ontvangende bodem, en

e. de plaats van herkomst, hoeveelheid en kwaliteit van de grond.

2. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels geven aan het in het eerste lid genoemde.