Bijlage 5 Uitvoeringsregeling BSE 1999-III
Uitvoeringsregeling BSE 1999-III
In de Energiebesparingsnota 1998 is een intensivering van de energiebesparingsactiviteiten aangekondigd zowel voor de woningbouw als voor de utiliteitsbouw. In dat kader zal op korte termijn een Energieprestatieadvies (EPA) voor de bestaande bouw worden geïntroduceerd. Op dit moment is er nog geen algemeen bruikbare EPA-methodiek beschikbaar. Per medio september 1999 zal via Novem een proefversie van de Basismethode EPA beschikbaar worden gesteld. Onder EPA wordt verstaan: een standaard (advies)rapportage over de energetische kwaliteit van een bestaand gebouw ten behoeve van te nemen besparende maatregelen. Het adviesrapport moet zijn opgesteld volgens de Basismethode EPA of volgens een methode waarvan de gelijkwaardigheid van het rekenmodel is aangetoond. In het rapport moet minimaal zijn opgenomen: gegevens over het energiegebruik in de bestaande situatie, de energie-index (EI),voorstellen voor te nemen energiemaatregelen en gegevens over het te verwachten energiegebruik en de EI voor de aangepaste situatie, rekening houdend met aspecten van wooncomfort en binnenmilieu en de kosten/batenverhouding van de voorgestelde maatregelen. In de woningbouw wordt uitgegaan van de individuele woning als object van één EPA. Bij seriematige en gestapelde woningbouw kan één EPA op meerdere woningen van toepassing worden verklaard. Er kan gebruik gemaakt worden van verschillende onderzoeksmethoden. De EPA moet primair een instrument worden dat voor betrokkenen eenvoudig te begrijpen en te gebruiken is en geen weerstanden oproept. Het programma EPA 1999 heeft als doel te bewerkstelligen dat op 1 januari 2000 het instrumentarium dat noodzakelijk is voor de invoering van de EPA voor de woningbouw operationeel inzetbaar is door marktpartijen. Daartoe zullen in het kader van dit programma projecten ondersteund worden om met de EPA-methodiek ervaring op te doen, deze te beproeven en zo mogelijk te vereenvoudigen. Tevens kan kennisoverdracht worden ondersteund. In het programma EPA zal
- a. de slaagkans van het project;
- b. de relevantie voor andere doelstellingen van overheidsbeleid en de aansluiting op internationale ontwikkelingen;
- c. de mate waarin het project aansluit bij bestaande kennis en inzichten met betrekking tot het onderwerp en nieuwe inzichten kan brengen;
- d. de projectkosten in relatie tot de bijdrage aan de realisatie van de doelstellingen van het programma EPA;
- e. de toepassingsmogelijkheden van het projectresultaat in de markt;
- f. de mate waarin relevante kennisoverdracht plaatsvindt.
- technische haalbaarheid: aanwezige kennis en ervaring en door opleiding te verwerven deskundigheid van de in te zetten adviseurs c.q. adviesorganisatie in combinatie met de gekozen methode; de Basismethode EPA geniet de voorkeur;
- financieel/economische haalbaarheid: de projectbegroting en de kosten per EPA in combinatie met de gekozen methode;
- factoren van organisatorische en bestuurlijke aard: de opzet van de projectorganisatie, samenwerkingsmogelijkheden en beschikbare deskundigheid en de positie van de aanvrager in de markt, de relaties met woningeigenaren, in het bijzonder met de institutionele sector en lokale overheden;
- de financiële draagkracht van de aanvrager in relatie tot de projectomvang.