Bijlage 1 Uitvoeringsregeling BSE 1999-I
Uitvoeringsregeling BSE 1999-I
Gemeenten hebben in de afgelopen jaren energiebeleids- en uitvoeringsplannen opgesteld. Het doel van het programma Loreen 1999 is het intensiveren van de beleidsontwikkeling en beleidsuitvoering door het stimuleren en ondersteunen van energiebesparing bij de belangrijkste door de gemeente aangeduide doelgroepen van het gemeentelijk energiebeleid. Het programma is ingedeeld in twee onderdelen. De voornaamste soorten projecten die voor subsidie in aanmerking komen zijn gericht op de uitvoering van het gemeentelijk energiebeleid. Hieronder vallen: Projecten kunnen uitsluitend worden ingediend door de besturen van (deel-)gemeenten en gemeentelijke samenwerkingsverbanden. Het subsidiebedrag per project is gemaximeerd en is afhankelijk van de grootte van de gemeente. De maximale subsidie per project staat vermeld in onderstaande tabel. Inwoneraantal (deel-)gemeente Maximum subsidie < 10.000 f 10 000,00 10 - 50.000 f 15 000,00 50 - 100.000 f 25 000,00 100 - 400.000 f 45 000,00 > 400.000 f 75 000,00 Indien een project wordt ingediend door een gemeentelijk samenwerkingsverband is de maximale subsidie het totaal van de voor de afzonderlijke gemeenten geldende maxima, echter met een totaal maximum van f 250 000,00. Per (deel)gemeente en per samenwerkingsverband kan één project worden ingediend, met dien verstande dat een project van een samenwerkingsverband wordt beschouwd als projecten van de afzonderlijke (deel)gemeenten uit het betreffende samenwerkingsverband. Gemeenten waaraan subsidie is of wordt verleend op grond van onderdeel 1 van het programma Loreen 1997 of onderdeel 1 van het programma Loreen 1998 komen op grond van onderdeel 1 van het programma Loreen 1999 niet voor subsidie in aanmerking. De voornaamste soorten projecten die voor subsidie in aanmerking komen, zijn haalbaarheids- en kennisoverdrachtprojecten ten behoeve van mogelijke opties voor de optimale energie-infrastructuur bij kleine bouwlocaties. Kennisoverdrachtprojecten dienen gericht te zijn op partijen
- demonstratieprojecten;
- kennisoverdrachtprojecten.
- Criteria waaraan deze projecten moeten voldoen zijn:
- het project moet aantoonbaar uitvoering geven aan het energiebesparingsbeleid van de gemeente en/of belemmerende factoren bij de uitvoering ervan wegnemen;
- het uitvoeringsplan voor dit energiebesparingsbeleid moet minstens één jaar voor het indienen van het voorstel door de gemeenteraad zijn vastgesteld;
- het project moet binnen de gemeente een voorbeeldfunctie kunnen vervullen;
- projecten gericht op de toepassing van techniek komen niet voor ondersteuning in aanmerking.
- a. de slaagkans van het project;
- b. de relevantie voor andere doelstellingen van overheidsbeleid en de aansluiting op internationale ontwikkelingen;
- c. de relevantie van het project voor het algemene energiebesparingsbeleid;
- d. de toepassingsmogelijkheden van ervaringen uit het project in de uitvoering van andere delen van het gemeentelijk energiebesparingsbeleid;
- e. de projectkosten in relatie tot de bijdrage aan de realisatie van de doelstellingen van het programma;
- f. de nieuwheid van het project;
- g. de mate waarin relevante kennisoverdracht plaatsvindt;
- h. de looptijd van het project;
- i. de ondersteuning van een project wordt mede beoordeeld op de mate van betrokkenheid van de relevante doelgroepen.