Art. 15 Rtvi, Algemene voorwaarden

Regeling tijdelijk verlaten van de inrichting (Rtvi)

1. Re-integratieverlof wordt alleen verleend ten behoeve van een re-integratiedoel dat is vastgelegd in het detentie- en re-integratieplan.

2. Bij de beslissing tot het verlenen van re-integratieverlof aan een gedetineerde die al dan niet onherroepelijk is veroordeeld, worden in ieder geval de volgende aspecten betrokken:

a. de mate waarin en de wijze waarop de gedetineerde door zijn gedrag gedurende de gehele detentie heeft doen blijken van een bijzondere geschiktheid tot terugkeer in de samenleving;

b. de mogelijkheid om aan het verlof verbonden risico’s te beperken en te beheersen;

c. de belangen van slachtoffers, nabestaanden en andere relevante personen in ieder geval met betrekking tot het eerste verzoek om onbegeleid re-integratieverlof ten aanzien van een gedetineerde die is veroordeeld voor een misdrijf, als bedoeld in artikel 51e, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering;

d. de door de gedetineerde geleverde inspanningen om door het strafbare feit veroorzaakte schade te vergoeden;

e. de in het detentie- en re-integratieplan, bedoeld in artikel 18a van de wet, opgenomen aspecten:

1°. het re-integratiedoel waarvoor het re-integratieverlof wordt gevraagd;

2°. de wijze waarop het re-integratieverlof bijdraagt aan de realisatie van het re-integratiedoel;

3°. de duur van het re-integratieverlof;

4°. het aantal keren re-integratieverlof dat verband houdt met het re-integratiedoel.