Art. 4 Wet grensoverschrijdende betaaldiensten, Verplichtingen van een betalingsverkeerinstelling inzake de inhoud van een overeenkomst tot het uitvoeren van een grensoverschrijdende overmaking

Wet grensoverschrijdende betaaldiensten

De betalingsverkeerinstelling die een overeenkomst met een cliënt aangaat met betrekking tot een grensoverschrijdende overmaking waarvan de specificaties nauwkeurig omschreven zijn, moet zich op verzoek van die cliënt verbinden ten aanzien van:

a. een termijn die voor het uitvoeren van de overmaking of voor het crediteren van de rekening van de cliënt met het uit een grensoverschrijdende overmaking ontvangen bedrag nodig is; en

b. de met de overeenkomst verband houdende provisies en de kosten, uitgezonderd de toe te passen wisselkoers.