Bijlage 1 Uitvoeringsregeling BSE 1998-II
Uitvoeringsregeling BSE 1998-II
Het doel van het programma fotovoltaïsche zonne-energie is het realiseren van voorwaarden en het wegnemen van knelpunten voor de grootschalige inpassing van zonnecellen in de Nederlandse energievoorziening in de eenentwintigste eeuw, met als belangrijkste voorwaarden c.q. knelpunten: daling van de kostprijs, een solide industrieel draagvlak, opschaling van de PV(Photovoltaïsche)-technologie, een gezonde markt voor autonome PV-systemen in en buiten Nederland, een verbreed maatschappelijk draagvlak, en kennis van de actoren en factoren bij de toepassing van PV in de gebouwde omgeving. Op 14 april 1997 is tussen 15 partijen (waaronder bedrijven in de PV branche, energiebedrijven en bedrijven in de bouwsector) het PV Convenant gesloten. De doelstelling van dit programma sluit aan bij de doelstelling van dit PV Convenant. Het programma is ingedeeld in zes onderdelen. De voornaamste soorten projecten die in 1998 voor een subsidie in aanmerking komen, zijn gericht op: Bij universitaire onderzoeks- of ontwikkelingsprojecten wordt de voorkeur gegeven aan projecten die mede door de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen financieel worden ondersteund. De voornaamste soorten projecten die in 1998 voor een subsidie in aanmerking komen, zijn gericht op verbetering van de prijs/prestatie verhouding en de toepasbaarheid, en verhoging van de waarde en opbrengst van netgekoppelde PV-systemen in Nederland, en betreffen: De voornaamste soorten projecten die in 1998 voor een subsidie in aanmerking komen zijn gericht op autonome toepassingen van PV met een groot marktpotentieel qua PV-vermogen en betreffen: De voornaamste soorten projecten die in 1998 voor een subsidie in aanmerking komen zijn gericht op autonome toepassingen van PV met een groot marktpotentieel qua PV-vermogen en betreffen: De voornaamste soorten projecten die in 1998 voor een subsidie in aanmerking komen, zijn gericht op decentrale netgekoppelde toepassingen van PV in de gebouwde omgeving. Hieronder vallen pr
- onderzoek en ontwikkeling van zonnecellen gericht op rendementsverbetering en kostprijsreductie van industrieel te produceren zonnecellen;
- onderzoek aan zonnecellen op basis van concepten gericht op lage kosten op middellange termijn; hieronder valt onderzoek aan zonnecellen op basis van zogenoemde dunne-film technologieën of van combinaties van dunne lagen, gericht op verbetering van het gestabiliseerde rendement en verbeterde productiemethoden;
- onderzoek naar concepten van zonnecellen die op lange termijn kunnen leiden tot zeer hoge rendementen of tot doorbraken op andere aspecten.
- ontwikkeling van industrieel te produceren PV-modules, PV-bouwelementen en van componenten ten behoeve van een betere inpasbaarheid van PV-panelen op schuine en platte daken en in gevels;
- onderzoek en ontwikkeling van industrieel te produceren omvormers ten behoeve van toepassingen in netgekoppelde PV-systemen;
- onderzoek en ontwikkeling van netgekoppelde PV-systemen en ontwerp van gebouwgeïntegreerde PV-systemen ten behoeve van praktijkexperimenten;
- haalbaarheidsstudies van andere netgekoppelde systemen dan die in de gebouwde omgeving.
- marktintroductieprojecten van uitontwikkelde PV-toepassingen in kansrijke marktsegmenten zoals openbare verlichting, elektrisch varen en/of waterbeheer;
- productontwikkeling, praktijkexperimenten en demonstratie in kansrijke marktsegmenten, met betrekking tot de integratie van PV-panelen in toepassingen en producten, zoals in gekromde oppervlakken;
- haalbaarheidsstudies ten behoeve van een betere positionering van het Nederlandse bedrijfsleven op de PV-markt in Europa.
- haalbaarheidsstudies ten behoeve van een betere positionering van het Nederlandse bedrijfsleven op de PV-markt in zuidelijke landen;
- (door)ontwikkeling van PV-systemen en PV-producten zoals solar home systems, zonnelantaarns en/of koelsystemen ter voorbereiding van de marktintroductie in zuidelijke landen; projecten dienen gericht te zijn op verbetering van de prijs/kwaliteitsverhouding en op marktprijsverlaging van PV-systemen.
- projecten met een technisch innovatief karakter, met PV geïntegreerd in de schil van een of enkele woningen of een gebouw;
- projecten met PV op daken of in/aan gevels van kantoor- en bedrijfsgebouwen;
- projecten met PV in andere gebouw-geïntegreerde toepassingen, zoals schaduwgevende bouwelementen en lichtstraten;
- grootschalige projecten met grote PV-systemen met name op de platte en schuine daken van tientallen tot enkele honderden woningen, waarin de architectonische en stedenbouwkundige vormgeving, en de beheersaspecten van het PV-systeem een punt van onderzoek zijn;
- grootschalige projecten met kleine PV-systemen op woningen, die leiden tot een verlaging van de energieprestatie-coëfficiënt (EPC) van minimaal 0,07 (volgens NEN 5128/B.3); in de projecten dienen de architectonische en stedenbouwkundige vormgeving, en de beheersaspecten van het PV-systeem een punt van onderzoek te zijn; de PV-systemen dienen tevens bij voorkeur uitgebreid te kunnen worden;
- in zogenoemde vroege marktsegmenten (niche-markten van netgekoppelde PV- systemen), waarin door de diverse afnemersgroepen ook waarde wordt toegekend aan andere baten van PV dan de financiële kWh-baten; de marktsegmenten dienen aantoonbaar een groot marktpotentieel qua PV-vermogen te hebben, terwijl de haalbaarheid van marktontwikkeling zonder of met een beperkte subsidie op een termijn van enkele jaren moet worden onderbouwd.
- a. de slaagkans van het project;
- b. het perspectief met betrekking tot de milieuverdienste van het project;
- c. de relevantie voor andere doelstellingen van overheidsbeleid en de aansluiting op internationale ontwikkelingen;
- d. de mate waarin het project bijdraagt aan de uitvoering van het PV Convenant;
- e. de mate waarin het project aansluit bij een aanwezig innovatietraject;
- f. de projectkosten in relatie tot de bijdrage aan de realisatie van de doelstellingen van het programma;
- g. het perspectief op economische haalbaarheid van de technologie op middellange en lange termijn;
- h. het perspectief op de economische haalbaarheid op korte termijn en de toepassingsmogelijkheden van het projectresultaat in de markt;
- i. de kostprijsverlaging van voor het programma relevante technieken;
- j. de nieuwheid van het project;
- k. de mate waarin samengewerkt wordt met andere (markt)partijen, bijvoorbeeld in technologie-clusters of in marktclusters;
- l. de relevantie van het project voor marktpartijen;
- m. de bijdrage aan (de opbouw van) relevante kennis, draagvlak en infrastructuur bij de doelgroepen van het NOZ-PV.
- industriële bedrijven, betrokken bij ontwikkeling en productie van zonnecellen, fotovoltaïsche systemen en componenten daarvan;
- bedrijven en instellingen betrokken bij de toepassing van PV-systemen;
- energiedistributiebedrijven, gemeenten en bouwsector.