Art. 47c Nbw 1998, Gebieden ter uitvoering van Europeesrechtelijke verplichtingen
Natuurbeschermingswet 1998 (Nbw 1998)
1. Het bestuursorgaan, bedoeld in artikel 47b, eerste lid, kan een verzoek als bedoeld in artikel 2.29, eerste lid, tweede volzin, aanhef en onder a, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht slechts doen indien de omstandigheden sinds het tijdstip waarop de verklaring is gegeven zodanig zijn gewijzigd, dat deze niet zou zijn gegeven of niet zonder daarbij te bepalen dat aan de omgevingsvergunning daarbij aangegeven voorschriften worden verbonden, indien deze omstandigheden op het genoemde tijdstip zouden hebben bestaan.
2. Onverminderd de artikelen 2.31 en 2.33 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, kunnen gedeputeerde staten in een geval als bedoeld in artikel 47b, tweede lid, de omgevingsvergunning intrekken of de voorschriften die aan de omgevingsvergunning zijn verbonden wijzigen, aanvullen of intrekken dan wel alsnog aan de omgevingsvergunning verbinden indien de omstandigheden sinds het tijdstip waarop de omgevingsvergunning is verleend, zodanig zijn gewijzigd dat deze niet zou zijn verleend of niet zonder daaraan te verbinden voorschriften, indien deze omstandigheden op het genoemde tijdstip zouden hebben bestaan.