Art. 6 Vaststellingsregeling regelen voor personen, die werkzaamheden verrichten, verband houdende met de luchtwaardigheid van vliegtuigen, Intrekking
Een erkenning wordt geheel of gedeeltelijk door de Minister van Verkeer en Waterstaat ingetrokken:
a. op verzoek van de houder of van de werkgever, op wiens aanbeveling de erkenning was afgegeven;
b. na beëindiging van het dienstverband van de houder met de werkgever, op wiens aanbeveling de erkenning was verleend;
c. indien naar het oordeel van de Minister van Verkeer en Waterstaat:
1°. de houder niet voldoet aan de voor de verkrijging van een erkenning gestelde regelen dan wel de houder deze regelen niet nakomt,
2°. de werkzaamheden van de houder niet langer nodig of gewenst zijn dan wel door hem niet naar behoren zijn verricht.