Art. 3 Regeling landelijke gpl-bedragen, Landelijke gemiddelde personeelslast per 1 augustus 1998

Regeling landelijke gpl-bedragen

1. Voor de directie van de in artikel 2 genoemde scholen bedraagt de landelijke gemiddelde personeelslast per formatieplaats:

groep 1: f.122.697,32

groep 2: f.146.440,25

groep 3: f.144.877,15

groep 4: f.140.728,72

2. De landelijke gemiddelde personeelslast voor de leraren van de in artikel 2 genoemde scholen wordt per school bepaald volgens de formule: cf* ggl + c. Daarbij is: cf: de voor de groep waartoe de school behoort vastgestelde coëfficiënt. Deze bedraagt voor: ggl: de gewogen gemiddelde leeftijd van de leraren als bedoeld in de publicatie van 24 februari 1998 VO/FB/1998/7449 (OCenW-Regelingen 1998, 7), eerste respectievelijk tweede lid en c: de voor de groep waartoe de school behoort vastgestelde vaste voet. Deze bedraagt voor:

groep 1: ff.1.748,45

groep 2: f.2.572,90

groep 3: f.2.192,43

groep 4: f.1.906,67

groep 1: f.17.504,52

groep 2: f. 2.948,34

groep 3: f.13.174,88

groep 4: f.16.874,43

3. Voor het onderwijsondersteunend personeel van de in artikel 2 genoemde scholen bedraagt de landelijke gemiddelde personeelslast ongeacht de groep per formatieplaats f 62.334,31