Art. 68 Uitvoeringsregeling lozingenbesluit bodembescherming, Het infiltratiekanaal

Uitvoeringsregeling lozingenbesluit bodembescherming

Een infiltratiekanaal moet zodanig zijn uitgevoerd dat:

a. de aanvoer van water gelijkmatig over het infiltratieoppervlak wordt verdeeld,

b. de drainleidingen met inbegrip van het grindpakket een breedte hebben van ten minste 30 cm en ten hoogste 90 cm,

c. de lengte van de drainleidingen ten hoogste 30 meter is, en

d. de onderlinge afstand tussen de drainleidingen ten minste 2 meter bedraagt.