Art. 330 Regeling wijziging constructie, Het aanbrengen van een snelheidsbegrenzer in bedrijfsauto’s en bussen
Regeling wijziging constructie
De snelheidsbegrenzer moet zijn afgesteld op:
a. een zodanige snelheid, dat de maximumsnelheid van bedrijfsauto’s, niet zijnde bussen, niet meer dan 90 km/h kan bedragen;
b. een zodanige snelheid, dat de maximumsnelheid van bussen niet meer dan 100 km/h kan bedragen;
c. maximaal 100 km/h, indien het een bus betreft met een maximum massa van meer dan 10.000 kg, die voor 1 januari 2005 in gebruik is genomen.