Art. 59 IJkregeling gasmeters, Bijzondere voorschriften voor rotor- en schoepenradgasmeters

IJkregeling gasmeters

1. In plaats van punt III.4 van de bijlage gelden, indien een gasmeter is voorzien van een controle-element overeenkomstig punt I.B.5.2 van de bijlage, de waarden van het schaaldeel en de becijfering van de schaalverdeling, aangegeven in onderstaande tabel:

Meetbereik

Maximum

schaaldeelwaarde

Becijfering per

>1:10 en

<1:30

>1:30 en <1:50

>1:50

G

G

G

m³

m³

16

0,0002

0,001

16-

65

16-

100

25-

160

0,002

0,01

100-

650

160-

1000

250-

1600

0,02

0,1

1000-

6500

1600-

10000

2500-

16000

0,2

1

>10000

>16000

>25000

2

10

2. De waarde van het schaaldeel van een aanwijsinrichting die het volume onder referentiecondities aanwijst, moet kleiner zijn dan 0,1% van de waarde van het volume onder referentiecondities dat in drie minuten bij het maximale meetvermogen, de maximum meettemperatuur en, indien van toepassing, de minimale meetdruk, door de gasmeter stroomt.