Art. 39 IJkregeling vloeistofhoogtemeters, Opschriften
IJkregeling vloeistofhoogtemeters
Op iedere vloeistofhoogtemeter moeten, hetzij direct, hetzij op een plaat, die vast met de vloeistofhoogtemeter is verbonden, zijn vermeld:
a. de naam en de woonplaats van degene die de vloeistofhoogtemeter heeft vervaardigd of diens fabrieksmerk;
b. het jaar waarin de vloeistofhoogtemeter is vervaardigd en het fabrieksnummer;
c. het nummer van de betrokken verklaring van toelating;
d. de identificatie van het meetreservoir, waarop de vloeistofhoogtemeter is bevestigd;
e. het opschrift ’het nulpunt van de vloeistofhoogtemeter ligt ... mm beneden het referentiepunt’;
f. elke andere aanduiding, welke in verband met de samenstelling of de werking van de vloeistofhoogtemeter door de ijkinstelling noodzakelijk wordt geacht, als aangegeven in de verklaring van toelating.