Art. 8.10 Regeling toelatingseisen, Voorruiten van personenauto's, bedrijfsauto's en driewielige motorrijtuigen in gebruik genomen vóór 1 januari 1995

Regeling toelatingseisen

1. Voorruiten van personenauto's, bedrijfsauto's en driewielige motorrijtuigen in gebruik genomen vóór 1 januari 1995 moeten voldoen aan de volgende eisen:

a. de doorzichtigheid mag niet minder zijn dan die van gewoon glas en er mag geen beeldvertekening optreden;

b. ze mogen bij breuk niet in scherpe scherven uiteen vallen.

2. De in het eerste lid genoemde voorruiten mogen bestaan uit de volgende soorten materiaal:

a. gehard glas, dat uit één laag glas bestaat en een bijzondere warmtebehandeling heeft ondergaan, zodat bij breuk korrelvorming optreedt;

b. gelaagd glas, dat uit meer dan één tegen elkaar vast gehechte lagen bestaat, waarbij ten minste één van deze lagen uit plastisch materiaal bestaat;

c. één laag doorzichtig plastisch materiaal, zoals plexiglas.

3. Het in het tweede lid, onderdeel c, genoemde materiaal is niet toegestaan voor voorruiten van bussen.