Art. 5.2 Regeling toelatingseisen, Eisen toelating LPG-onderdelen

Regeling toelatingseisen

1. De volgende LPG-onderdelen moeten voldoen aan het bepaalde in ECE-Reglement nr. 67-01:

a. de LPG-tank;

b. de 80 %-vulklep voorzien van terugslagklep;

c. de niveau-indicator;

d. de veerveiligheid;

e. de automatische afnameklep voorzien van doorstroombegrenzer;

f. de gasdichte kast;

g. de verdamper/drukregelaar, al dan niet gecombineerd;

h. de automatische afsluitklep;

i. de flexibele slang die wordt toegepast in een gedeelte waar de druk hoger is dan 0,2 bar;

j. de vulaansluiting;

k. de terugslagklep;

l. de leidingontlastklep;

m. de LPG-brandstofpomp;

n. de gasregeleenheid;

o. het inspuitstuk;

p. de LPG-filtereenheid, met uitzondering van de LPG-filtereenheid die in de LPG-tank wordt gemonteerd;

q. de druk- of temperatuursensor;

r. de overdrukvoorziening;

s. de spanning-doorvoerbus ten behoeve van de voeding van de brandstofpomp of het vloeistofniveau;

t. de elektronische controle-eenheid;

u. de service-aansluiting.

2. De tankappendages, genoemd in het eerste lid, onderdeel b tot en met e en de appendage, genoemd in het eerste lid, onderdeel s, kunnen met elkaar zijn gecombineerd tot een mutiklep.

3. De automatische afsluitklep kan zijn gecombineerd met de verdamper/drukregelaar.