Art. 5.101 Regeling toelatingseisen, Gasvoerende verbindingen tussen de diverse CNG-onderdelen
De verbindingen moeten op een voor de controle toegankelijke plaats zijn aangebracht, zonodig na verwijdering van een hoes.
De verbindingen moeten op een voor de controle toegankelijke plaats zijn aangebracht, zonodig na verwijdering van een hoes.