Art. 30 Blb, De wijze waarop wordt gehandeld met lijken van personen, overleden op installaties ter zee

Besluit op de lijkbezorging (Blb)

1. Behoudens in geval de officier van justitie te Amsterdam andere aanwijzingen met het oog op de opsporing van strafbare feiten geeft, draagt degene die is belast met de leiding der werkzaamheden op de installatie er zorg voor dat het lijk onverwijld wordt vervoerd naar het vaste land in Nederland.

2. Indien weersomstandigheden of andere bijzondere omstandigheden onverwijld vervoer beletten, dient het lijk op de installatie te worden behandeld voor bewaring en in een luchtdicht omhulsel op een zo koel mogelijke plaats te worden bewaard, tot het moment waarop de omstandigheden vervoer alsnog toelaten.