Art. 3 Mandaatbesluit personele bevoegdheden directeur-generaal Openbare Orde en Veiligheid
Mandaatbesluit personele bevoegdheden directeur-generaal Openbare Orde en Veiligheid
1. De directeur-generaal voor Openbare Orde en Veiligheid kan in het kader van de uitvoering van het tussen de secretaris-generaal en de directeur-generaal voor Openbare Orde en Veiligheid gesloten managementcontract bij het directoraat-generaal voor Openbare Orde en Veiligheid de in artikel 1 bedoelde bevoegdheden geheel of gedeeltelijk mandateren:
aan de directeur Brandweer en Rampenbestrijding, waar het zaken betreft die de directie Brandweer en Rampenbestrijding aangaan;
aan de directeur Politie, waar het zaken betreft die de directie Politie aangaan;
aan het hoofd Landelijk Coördinatiecentrum, waar het zaken betreft die het Landelijk Coördinatiecentrum aangaan;
aan het hoofd Informatiebeleid OOV waar het zaken betreft die de afdeling Informatiebeleid OOV aangaan;
aan het hoofd van de Inspectie Politie waar het zaken betreft die Inspectie Politie aangaan.
2. De directeur-generaal voor Openbare Orde en Veiligheid kan het aanstellen van respectievelijk het verlenen van ontslag aan personen die een functie vervullen waaraan salarisschaal 12 of hoger is verbonden niet mandateren.