Art. 10 Voorschriften en beperkingen verbonden aan machtigingen voor zendinrichtingen voor het doen van onderzoekingen radiozendamateurs, Onderdrukking van ongewenste hoofdfrequente uitstralingen

Voorschriften en beperkingen verbonden aan machtigingen voor zendinrichtingen voor het doen van onderzoekingen radiozendamateurs

Zendinrichtingen die op een bepaalde plaats tot storing kunnen leiden of hebben geleid, dienen te voldoen aan onderstaande tabel voor de onderdrukking van ongewenste hoogfrequente uitstralingen.

Frequentieband waarin de ongewenste hoogfrequente uitstraling plaatsvindt

Zendvermogen

n

Maximaal toegestaan vermogen

per hoogfrequent component

9 kHz - 40 MHz

< 1 watt

100 microwatt

> 1 watt

-40 dB *)

40 MHz - 960 MHz

< 10 watt

10 microwatt

> 10 watt

-60 dB *)

960 MHz - 17,7 GHz

< 10 watt

100 microwatt

> 10 watt

-50 dB *)

> 17,7 GHz

–

Naar de stand van de techniek

Dit artikel is niet van toepassing op ongemodificeerde zenders die voldoen aan het Besluit elektromagnetische compatibiliteit (Stb. 1995, 387).