Bijlage 1 Vaststelling enige energieprogramma’s (tweede tranche) 1996
Vaststelling enige energieprogramma’s (tweede tranche) 1996
Het doel van het programma Agrarische Sector is de realisatie van een hogere prioriteitsstelling voor energie-efficiën-tie in de agrarische sector, met name bij de individuele agrariër, ter ondersteuning van het overheidsbeleid om te komen tot het verbeteren van de energie-efficiency met 26% in de periode 1989-2000. Om bovengenoemd doel te bereiken zijn de volgende elementen belangrijk: Voor de agrarische sector is een aantal instrumenten beschikbaar, zoals meerjarenafspraken (MJA’s), de Subsidieregeling energiebesparings- en milieuadviezen (E&M) en het onderhavige programma, dat in het kader van het Besluit subsidies energieprogramma’s is gericht op de agrarische sector. Het programma Agrarische Sector geeft ondersteuning aan de totstandkoming en uitvoering van (in voorbereiding zijnde) meerjarenafspraken in de agrarische sector. In 1993 is de meerjarenafspraak met Nederlandse glastuinbouw afgesloten. In 1994 is een intentieverklaring afgesloten met de bloembollensector en in 1995 met de paddestoelensector. Tevens zijn verkennende gesprekken begonnen met branche-organisaties op het gebied van de veehouderij en landbouwmechanisatie. Het programma is ingedeeld in zes onderdelen. Dit onderdeel wordt uitgevoerd in de vorm van een oproep voor het indienen van projectvoorstellen (tender). De aanvragen die aan de wettelijke voorschriften voldoen en passen binnen dit onderdeel, worden door Novem beoordeeld en gerangschikt. De aanvragen worden gerangschikt aan de hand van hun geschiktheid om bij te dragen aan de doelstelling van dit programmaonderdeel. Artikel 9 van het Besluit subsidies energieprogramma’s is van toepassing. Dit onderdeel richt zich op de verbetering van de energie-efficiency in de gespecialiseerde produktieglastuinbouw door het bevorderen van energiebeheer, energiebesparende technische maatregelen én investeringen. De voornaamste soorten projecten die in 1996 voor een subsidie in aanmerking komen, zijn haalbaarheidsprojecten, ontwikkelingsprojecten, prakti
- versterken van de participatie en de betrokkenheid van de agrarische ondernemer bij energiebesparing door middel van centrale afspraken (MJA’s) en door integratie van kennis over bestaande en nieuwe energiebesparings-technieken in de bedrijfsvoering (interactieve kennisontwikkeling);
- optimaliseren van de inzet van intermediairs, mede door onderlinge afstemming van intermediairs en de inzet van particuliere adviseurs;
- maximaliseren van de effectiviteit van het overheidsinstrumentarium voor energiebesparing, ondermeer door een tijdige signalering van de energieconsequenties van de verschillende onderdelen van het overheidsbeleid.
- energieregistratie en bedrijfsvergelijking;
- ontwikkelen en uitvoeren van energiebesparingsplannen;
- energiezuinige teelwijzen (o.a. klimaatregelingen);
- warmte-opwekking en hergebruik van warmte;
- warmtedistributie en warmtebenutting;
- CO2-bemesting.
- energieregistratie en bedrijfsvergelijking;
- ontwikkelen en uitvoeren van energiebesparingsplannen;
- ventilatie en koeling;
- verwarming;
- energiezuinige milieumaatregelen.
- energieregistratie en bedrijfsvergelijking;
- ontwikkelen en uitvoeren van energiebesparingsplannen;
- broeien;
- drogen, koelen/verwarmen, bewaren van produkten;
- verwarmen, koelen en/of stomen van kassen, schuren en/of cellen waarin produkten geteeld;
- mechanisatie.
- ontwikkeling, kennisoverdracht, demonstratie en marktintroductie ten behoeve van het oplossen van kennishiaten bij de toepassing van nu reeds economisch en technisch haalbare opties, zoals warmtekrachtinstallaties, buffers, rookgasbehandelingsinstallaties, condensors, ketelregeling, gebruik van verwarmingsnet, warmtebuffers;
- ontwikkeling van, demonstratie van en praktijkexperimenten met duurzame energie, restwarmte, energiezuinige warmtekrachtinstallaties in combinatie met warmte-opslag en/of (centrale) CO2 -voorziening, rookgasbehandeling, klimaatregelsystemen;
- haalbaarheid, onderzoek en ontwikkeling van nieuwe geavanceerde grensverleggende energiezuinige systemen voor energievoorziening, gebruik van warmte en CO2 en vochtregulering voor specifieke toepassingen in de glastuinbouw. Het onderzoek dient zowel op de verbetering van de financiële als technische haalbaarheid gericht te zijn. Als opties komen binnen het toepassingsgebied van de glastuinbouw ondermeer restwarmte, CO2-opslag, warmtepompen, energie-opslag in aquifers, stort- of biogas, zuinige assimilatie-belichting en energiezuinige rassen in aanmerking;
- haalbaarheid, onderzoek, ontwikkeling, praktijkexperimenten, demonstratie en kennisoverdracht van energie-efficiënte teeltsystemen en kasklimaatsystemen en -regelingen;
- ontwikkeling van voorlichtingsmateriaal en uitvoering van voorlichtingsacties op het gebied van energiebesparing.
- ontwikkeling van, praktijkexperimenten met, kennisoverdracht en marktintroductie van nieuwe en innovatieve energiezuinige (natuurlijke) ventilatiesystemen en klimaatregelingen in de intensieve veehouderij;
- ontwikkeling van, praktijkexperimenten met, demonstratie en kennisoverdracht van energie-efficiënte verwarmingssystemen in de zeugen-, vleeskuiken- en kalverhouderij;
- ontwikkelen, beproeven en demonstreren van grotere toepassingsmogelijkheden van restwarmte die vrijkomt bij de koeling van melk;
- ontwikkelen van nieuwe energie-efficiëntere koelmethoden voor melk;
- ontwikkelen van voorlichtingsmateriaal en uitvoeren van voorlichtingsacties op het gebied van energiebesparing;
- ontwikkelen, demonstreren en introduceren van energie-efficiënte (decentrale) mestverwerkingsconcepten en (brongerichte) technieken voor de reductie van ammoniak-emissie en andere schadelijke emissies:
- demonstreren en beproeven van duurzame energiebronnen (zoals zon, biogas, koude/warmte opslag) in de veehouderij.
- onderzoek naar, praktijkexperimenten met, haalbaarheid, ontwikkeling en demonstratie van én kennisoverdracht over energiebesparingsmogelijkheden bij:
- de teelt, preparatie, broeierij en bewaring van bloembollen en -knollen;
- de champignonteelt en de compostbereiding voor de champignonteelt;
- ontwikkelen van voorlichtingsmateriaal en uitvoeren van voorlichtingsacties.
- de toepassing van duurzame energiebronnen (zoals zon, biogas, koude/warmte opslag).
- haalbaarheid van, demonstratie van én kennisoverdracht over energiebesparingsmogelijkheden bij:
- het gebruik van landbouwtrekkers, zelfrijdende machines, trekker/werktuigcombinaties;
- transport, droging, koeling en bewaring van onbewerkte tuinbouwprodukten;
- ontwikkelen van voorlichtingsmateriaal en uitvoeren van voorlichtingsacties.
- toepassing van duurzame energiebronnen (zoals zon, biogas, koude/warmte opslag).
- a. de slaagkans van het project;
- b. de nieuwheid en oorspronkelijkheid van het project en de hoeveelheid relevante informatie die met het project aan de bestaande kennis wordt toegevoegd;
- c. de projectkosten in relatie tot de bijdrage aan de realisatie van de doelstellingen van het programma;
- d. de bijdrage van het project aan de realisatie van de doelstellingen van een bestaande of in voorbereiding zijnde meerjarenafspraak;
- e. de toepassingsmogelijkheden van het projectresultaat in de markt;
- f. de milieuverdienste van het project;
- g. de relevantie voor andere doelstellingen van overheidsbeleid en de aansluiting op internationale ontwikkelingen;
- h. de kostprijsverlaging van voor het programma relevante technieken;
- i. de mate waarin relevante kennisoverdracht mogelijk is.
- het toepassen van nieuwe dan wel vernieuwende technologieën;
- het geven van nieuwe toepassingen aan bestaande technologieën;
- voorlichtingsinstellingen en particuliere adviesbureaus;
- innovatiecentra en instellingen voor praktijk- en cursusonderwijs;
- (regionale) branche- en vakorganisaties;
- projectbureaus en -groepen
- verenigingen voor bedrijfsontwikkeling (zogenaamde ’studieclubs’);
- ontwerp- en technische adviesbureaus;
- fabrikanten en toeleverende industrie;
- aannemers en installatiebedrijven.
- overkoepelende en regionale stands- en vakorganisaties en individuele bedrijven;
- instellingen voor (praktijkgericht) onderzoek, voorlichting en onderwijs;
- installateurs, kassenbouwers, leveranciers en fabrikanten van bedrijfsuitrusting en kassen, alsmede van onderdelen;
- adviesbureau’s.
- overkoepelende en regionale stands- en vakorganisaties en individuele bedrijven;
- instellingen voor (praktijkgericht) onderzoek, voorlichting en onderwijs;
- installateurs, stallenbouwers, leveranciers en fabrikanten van trekkers, werktuigen, bedrijfsuitrusting en stallen, alsmede van onderdelen;
- adviesbureau’s.
- overkoepelende en regionale stands- en vakorganisaties en individuele bedrijven;
- instellingen voor (praktijkgericht) onderzoek, voorlichting en onderwijs;
- installateurs, kassen-, schuren-, werkplaats- en bewaarplaatsbouwers, leveranciers en fabrikanten van trekkers, werktuigen, bedrijfsuitrusting, bewaarplaatsen, werkplaatsen kassen en stallen, alsmede van onderdelen;
- adviesbureau’s.
- onderdeel 1: f 1.500.000;
- onderdeel 2: f 400.000;
- onderdeel 3: f 300.000;
- de overige onderdelen tezamen: f 1.600.000.