Bijlage E Reglement onderzoek schepen op de Rijn 1995: model van het vaartijdenboek
Reglement onderzoek schepen op de Rijn 1995
Volgnummer ...... Dit vaartijdenboek omvat 200 bladzijden, genummerd van 1 tot en met 200. De aantekeningen in dit boek dienen met inkt en duidelijk leesbaar (bijv. in drukletters) te worden aangebracht. Naam van het schip: ...... Officieel scheepsnummer: ...... Aanwijzingen voor het bijhouden van het vaartijdenboek Het eerste vaartijdenboek van elk schip moet worden afgegeven door de Commissie van Deskundigen die het certificaat van onderzoek aan het schip heeft uitgereikt. Latere vaartijdenboeken mogen worden afgegeven en van een volgnummer worden voorzien door een andere Commissie van Deskundigen; zij mogen evenwel slechts tegen overlegging van het voorgaande vaartijdenboek worden afgegeven. Het voorgaande vaartijdenboek moet van de onuitwisbare aantekening "ongeldig" worden voorzien en dient aan de schipper te worden teruggegeven. Het ongeldig verklaarde vaartijdenboek moet gedurende zes maanden na de laatste aantekening aan boord worden bewaard. De aantekeningen die de schipper in dit vaartijdenboek moet aanbrengen dienen te voldoen aan het Reglement onderzoek schepen op de Rijn. Aan artikel 23.01, derde lid, wordt geacht te zijn voldaan, wanneer de aantekeningen het tijdvak van 48 uur bestrijken dat onmiddellijk voorafgaat aan het binnenvaren van het toepassingsgebied van het Reglement onderzoek schepen op de Rijn. De functies van de bemanningsleden kunnen als volgt worden aangeduid: Cd-Sch = Conducteur-Schiffsführer-Schipper Ti-St = Timonier-Steuermann-Stuurman mMt-Bm-vMt = Maître-matelot-Bootsmann-Volmatroos Mm = Matelot garde-moteur-Matrose-Motorwart-Matroos-motordrijver Mt = Matelot-Matrose-Matroos Hp-Dm = Homme de pont-Decksmann-Deksman Ms-Sj = Mousse-Schiffsjunge-Scheepsjongen Mc = Mecanicien-Maschinist-Machinist Op iedere bladzijde dient het volgende te worden aangetekend: Overtreding van de bemanningsvoorschriften van het Reglement onderzoek schepen op de Rijn is strafbaar. Hetzelfde geldt voor het niet bijhouden, dan wel het niet volgens de voorschrif
- – de exploitatiewijze (aantekeningen in verband met een wijziging van exploitatiewijze dienen steeds op een nieuwe bladzijde te worden aangebracht)
- – zodra het schip de vaart begint: 1e kolom- de datum (dag en maand) 2e kolom - de tijd (uur en minuten) 3e kolom - de plaats waar de vaart begint 4e kolom - de kilometerraai van die plaats
- – zodra het schip de vaart onderbreekt: 1e kolom - de datum (dag en maand) indien deze afwijkt van de begindatum 5e kolom - de tijd (uur en minuten) 6e kolom - de plaats waar het schip stilligt 7e kolom - de kilometerraai van die plaats
- – zodra het schip de vaart voortzet: dezelfde aantekeningen als bij het begin van de vaart
- – zodra het schip de vaart beëindigt: dezelfde aantekeningen als bij een onderbreking van de vaart
- – de 8e kolom moet worden ingevuld wanneer de bemanning voor de eerste keer aan boord komt en vervolgens telkens wanneer deze van samenstelling verandert
- – in de kolommen 9 t/m 11 moet het begin en het einde van de rusttijd van elk bemanningslid worden aangetekend. Deze aantekeningen dienen uiterlijk om 08 uur de volgende ochtend te worden aangebracht. Ingeval de bemanningsleden hun rust nemen volgens een regelmatig rooster, kan per reis met één schema worden volstaan
- – in de kolommen 12 en 13 moet bij wisseling van de bemanning telkens het tijdstip van aan boord komen of van boord gaan worden vermeld