Bijlage I Subsidieregeling indemniteit bruiklenen
Subsidieregeling indemniteit bruiklenen
In deze bijlage zijn de voorwaarden opgenomen met betrekking tot de aanspraak op financiële middelen als bedoeld in artikel 2, tweede lid. Deze voorwaarden vinden geen toepassing indien ten behoeve van een tentoonstelling, waarvoor een indemniteitsverklaring is afgegeven, een aanvullende verzekering is afgesloten. De uit de indemniteitsverklaring voortvloeiende aanspraak op financiële middelen, hierna te noemen de aanspraak, omvat schadeloosstelling voor alle verlies van of materiële schade aan een voorwerp onverschillig door welke oorzaak ontstaan, met inbegrip van oorlogsrisico en stakersrisico zoals omschreven in de aangehechte ’Clausule oorlogsrisico en stakersrisico’ M 3 en met inbegrip van de door materiële schade ontstane waardevermindering, doch met uitzondering van verlies of schade veroorzaakt door: Onder ’wet’ als bedoeld in de voorgaande volzin is te verstaan de Wet aansprakelijkheid kernongevallen (Stb. 1991, 374). Onder ’kerninstallatie’ wordt verstaan een kerninstallatie in de zin van bedoelde wet. De periode waarin de aanspraak van kracht is gaat in op het tijdstip dat een voorwerp op zijn normale verblijfplaats wordt op- of afgenomen om de reis naar de plaats van bestemming in Nederland aan te vangen en duurt voort tot het tijdstip dat een voorwerp weer op zijn normale verblijfplaats is aangekomen, een en ander met inbegrip van alle verblijf en opslag, tentoonstelling of anderszins, van huis tot huis en van spijker tot spijker. Indien een voorwerp niet rechtstreeks wordt verzonden vanaf zijn normale verblijfplaats, dan wel indien het niet rechtstreeks daarnaar wordt teruggezonden, is de aanspraak van kracht gedurende de periode en gedurende de reis zoals is vastgelegd tussen de bij de bruikleenovereenkomst betrokken partijen. Als basis voor de schadeloosstelling dient de waarde van een voorwerp zoals deze is overeengekomen tussen de bij de bruikleenovereenkomst betrokken partijen en zoals deze in de lijst van bruiklenen nader is omschreven. Bij de a
- a. mot of enig ander ongedierte;
- b. enige geleidelijk werkende invloed die bederf of waardevermindering doet ontstaan;
- c. enige door of op last van de bruikleengever verrichte bewerking van een voorwerp of enig gedeelte daarvan, zoals werkzaamheden bestaande in herstellen, restaureren, inlijsten of schoonmaken anders dan het zonder aanwending van vocht verwijderen van stof;
- d. eigen merkelijke schuld van de bruikleengever.
- e. atoomkernreacties; onder atoomkernreactie is te verstaan iedere kernreactie waarbij energie vrijkomt, zoals kernfusie, kernsplijting, kunstmatige en natuurlijke radioactiviteit. De uitsluiting ter zake van atoomkernreacties geldt niet met betrekking tot radioactieve nucliden, die zich buiten een kerninstallatie bevinden en gebruikt worden of bestemd zijn om gebruikt te worden voor industriële, commerciële, landbouwkundige, medische, wetenschappelijke of onderwijskundige doeleinden, met dien verstande dat een vergunning voor vervaardiging, gebruik, opslag en het zich ontdoen van radioactieve stoffen door de Nederlandse Staat moet zijn afgegeven. Voor zover krachtens de wet een derde voor de geleden schade aansprakelijk is, blijft de uitsluiting van kracht.