Art. 17 WVA, Afdrachtvermindering zeevaart
Wet vermindering afdracht loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen (WVA)
1. De afdrachtvermindering zeevaart is van toepassing met betrekking tot zeevarenden. De afdrachtvermindering beloopt een bedrag ter grootte van het in het tweede lid genoemde percentage van het loon van de zeevarenden in het loontijdvak. Bij zeevarenden op schepen bestemd voor baggerwerkzaamheden, onderscheidenlijk schepen bestemd voor sleep- en hulpverleningswerkzaamheden wordt als loon niet in aanmerking genomen het gedeelte van het loon dat toerekenbaar is aan andere werkzaamheden dan vervoer van opgebaggerd materiaal over zee, onderscheidenlijk andere werkzaamheden dan sleep- en hulpverleningswerkzaamheden op zee.
2. Het in het eerste lid bedoelde percentage bedraagt:
a. met betrekking tot de in Nederland, een lidstaat van de Europese Unie of een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte wonende zeevarende: 40 percent;
b. met betrekking tot de niet in Nederland, een lidstaat van de Europese Unie of een andere staat die partij is bij de Europese Economische Ruimte wonende zeevarende die aan de loonbelasting is onderworpen of premieplichtig is voor de volksverzekeringen: 10 percent.
3. De in het tweede lid vermelde percentages kunnen bij ministeriële regeling met ingang van een kalenderkwartaal worden vervangen door andere.
4. Uiterlijk binnen drie maanden na het tijdstip waarop de krachtens het derde lid vastgestelde ministeriële regeling in werking treedt, wordt een voorstel van wet tot goedkeuring van die regeling aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal gezonden. Indien het voorstel wordt ingetrokken of indien een van de Kamers der Staten-Generaal besluit tot het niet aannemen van het voorstel, worden bij ministeriële regeling de krachtens het derde lid vervangen percentages met ingang van het eerstvolgende kalenderkwartaal vervangen door de percentages zoals die golden onmiddellijk vóór het in de eerste volzin bedoelde tijdstip.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Rb. 's-Gravenhage 15 november 2007, ECLI:NL:RBSGR:2007:BC9340
- Conclusie A-G NIESSEN 22 november 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BY6065
- Conclusie A-G Niessen 15 oktober 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BL1976
- Conclusie A-G Niessen 15 oktober 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BL1955
- Conclusie A-G Wattel 30 september 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AR7738
- Conclusie A-G Wattel 30 september 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AR7735
- HR 4 februari 2005, ECLI:NL:HR:2005:AS4897
- Hof 's-Hertogenbosch 11 augustus 2004, ECLI:NL:GHSHE:2004:AR4254
- Hof 's-Hertogenbosch 22 april 2003, ECLI:NL:GHSHE:2003:AH9193
- Hof 's-Gravenhage 18 mei 2011, ECLI:NL:GHSGR:2011:BQ9217