Bijlage 1 Regeling onderwerpen en stofomschrijving geschiedenis en staatsinrichting 1997: ‘Eenheid in tweevoud. Nederland 1780-1830’ H.a.v.o./v.w.o.

Regeling onderwerpen en stofomschrijving geschiedenis en staatsinrichting 1997

Verantwoording De opdracht voor de stofomschrijvingscommissie voor het centraal schriftelijk eindexamen 1997 en 1998 was een uitwerking van het thema ‘De eenwording van Nederland, 1780-1830’. ‘Eenheid in tweevoud’ dus, want de unificatie van de noordelijke Nederlanden van 1798, die de grondslag werd van het Nederlandse koninkrijk na 1813, had geheel andere oorzaken en achtergronden, dan de vereniging van Noord en Zuid van 1815, waaraan in 1830 weer een einde kwam. ‘Eenheid in tweevoud’: eenmaal duurzaam, eenmaal mislukt. Uit integratie- en desintegratieprocessen in onze eigen tijd blijkt hoe moeilijk dergelijke processen kunnen verlopen. We wijzen slechts op ‘Europa'92’, Duitsland na 1989 en op de voormalige Sovjetunie en het voormalige Joegoslavië. Bestudering van een integratie- en desintegratieproces zoals dat zich afspeelde in het ‘Nederland’ van de jaren 1780 tot 1830, kan leren dat dit soort processen niet begrepen kan worden zonder inzicht in de achtergronden ervan. Twee spanningsvelden keren daarin telkens terug: a. de spanning tussen binnenlandse ontwikkelingen en buitenlandse bemoeienis, en b. die tussen het streven van bestuurders naar eenheid en de behoefte van een bevolking aan democratie. De samenhang tussen de twee delen waaruit dit eindexamenonderwerp bestaat, wordt gerealiseerd door middel van een vergelijking op deze punten. In de jaren 1780 tot 1830 werden onder invloed van de Verlichting en de Amerikaanse en de Franse Revolutie, zowel de ‘rechten van de mens en de burger’, als nationalistische ideeën de grondslag van staats- en natievorming in veel landen van de Westerse wereld. ‘Verlichting’, ‘revolutie’, ‘volkssouvereiniteit’ en ‘nationalisme’ zijn belangrijke historische begrippen voor dit onderwerp. Aan begrippen als ‘restauratie’ en ‘reactie’ wordt geen bijzondere aandacht besteed, ook al zijn die in de periode na 1815 vanzelfsprekend even belangrijk. In Nederland speelden de eerdergenoemde begrippen in de patriotten beweging van de jaren ta