Art. 23b Wet inzake de wisselkantoren, Dwangsom en bestuurlijke boete
1. De Bank kan een bestuurlijke boete opleggen ter zake van overtreding van voorschriften gesteld, bij of krachtens de artikelen 3, zesde lid, 4, eerste lid, 5, derde lid, 9, eerste en tweede lid, 10, 11, 12, tweede lid, 16 en 20, tweede en derde lid.
2. De bestuurlijke boete komt toe aan de Bank.
3. Onze Minister van Financiën, in overeenstemming met Onze Minister van Justitie, kan regels stellen ter zake van de uitoefening van de bevoegdheid bedoeld in het eerste lid.