Bijlage 4 Instellingsbesluit reglementering van het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden: verordening waterkwaliteitsbeheer Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden

Instellingsbesluit reglementering van het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden

In deze verordening wordt verstaan onder: Deze verordening is van toepassing op de oppervlaktewateren, bedoeld in artikel 3, tweede lid, van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren, voor zover die zijn gelegen in het gebied van het waterschap, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van het reglement, dit met uitzondering van het in de provincie Zuid-Holland gelegen gebied van kieskring II, bedoeld in artikel 10 van het reglement. De bevoegdheid tot het verlenen, weigeren, wijzigen of intrekken van een vergunning als bedoeld in artikel 1, eerste en derde lid, van de wet is toegekend aan het dagelijks bestuur. Het algemeen bestuur kan nadere regels stellen met betrekking tot de uitoefening van deze bevoegdheid. Het waterschap is belast met het nemen van maatregelen tot bescherming van de hoedanigheid van oppervlaktewateren mede in verband met de daaraan toegekende functies. Tot deze maatregelen behoren in elk geval het tot stand brengen, beheren, onderhouden en exploiteren van zuiveringstechnische werken. Het algemeen bestuur stelt ter bestrijding van de kosten van maatregelen tot het voorkomen en tegengaan van verontreiniging van oppervlaktewateren bij verordening een heffing in als bedoeld in artikel 17 van de wet. Het waterschap werkt, voor zover zulks gewenst en doelmatig is, met andere lichamen, belast met het waterkwaliteitsbeheer, samen op chemisch, technisch en administratief gebied. Het algemeen bestuur stelt met betrekking tot het aansluiten van rioleringen op zuiveringstechnische werken een verordening vast. De op grond van de Verordening waterkwaliteitsbeheer Woerden en de Verordening waterkwaliteitsbeheer Utrecht 1976 verleende vergunningen worden voor de toepassing van deze verordening aangemerkt als vergunningen die zijn verleend of gewijzigd op grond van deze verordening. Deze verordening treedt, voor zover zij betrekking heeft op de oppervlaktewateren die zijn gelegen in het gebied van kieskring I, bedoeld in artikel 10 van het reglement, in werking met