Bijlage 2 Instellingsbesluit reglementering van het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden: kiesreglement Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden

Instellingsbesluit reglementering van het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden

In dit reglement wordt verstaan onder: De bepalingen in dit reglement ten aanzien van de verkiezing van de leden van het algemeen bestuur zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de verkiezing van de plaatsvervangende leden. Voor de verkiezing van de leden en plaatsvervangende leden van het algemeen bestuur vindt in iedere kieskring van het waterschap voor iedere categorie van belanghebbenden een afzonderlijke verkiezing plaats. 1. De leden van het algemeen bestuur vertegenwoordigende de categorie gebruikers bedrijfsgebouwd alsmede hun plaatsvervangers worden gekozen door de leden van de Samenwerkende Kamers van Koophandel en fabrieken in de provincie Utrecht. 2. De verkiezing vindt plaats met inachtneming van de vertegenwoordiging zoals aangegeven in artikel 11 van het Reglement. 1. De kieskringen I, II, III en IV worden gevormd door de geheel of gedeeltelijk binnen die kieskringen gelegen gemeenten zoals aangegeven op de kaart bedoeld in artikel 10 van het Reglement. 2. Indien een gemeente in meer dan een kieskring is gelegen kan het algemeen bestuur, in afwijking van de kaart bedoeld in het eerste lid, bepalen dat een gemeente wordt gerekend te behoren tot een door dat bestuur aan te wijzen kieskring. De leden van het algemeen bestuur treden af met ingang van de eerste dinsdag van september in het jaar van periodieke verkiezing. 1. Voor de verkiezing van de leden van het algemeen bestuur wordt één hoofdstembureau ingesteld. Het is gevestigd in de gemeente, daartoe aangewezen door het algemeen bestuur. 2. Het hoofdstembureau bestaat uit vijf leden, van wie er één voorzitter en één plaatsvervangend voorzitter is. 3. De dijkgraaf is voorzitter van het hoofdstembureau. De plaatsvervangend voorzitter en de andere leden alsmede drie plaatsvervangende leden worden door het college van dijkgraaf en hoogheemraden benoemd en ontslagen. 4. De benoemingen geschieden voor vier kalenderjaren. Degene, die ter vervulling van een opengevallen plaats is benoemd, treedt