Art. 1 Warenwetregeling Melkeiwitten (caseïne en caseïnaten), Definities, reikwijdte en algemene eisen

Warenwetregeling Melkeiwitten (caseïne en caseïnaten)

1. In deze regeling wordt verstaan onder:

a. caseïne: de gewassen en gedroogde, in water onoplosbare eiwitstof die in de grootste hoeveelheid in melk voorkomt en uit magere melk wordt verkregen door precipitatie door: onverminderd een eventuele voorafgaande toepassing van ionenwisselings- en concentratieprocédés;

toevoeging van zuur;

microbiële aanzuring;

lebstremsel; of

andere melkcoagulerende enzymen;

b. caseïnaten: de waren die worden verkregen door droging van met neutraliserende middelen behandelde caseïne;

c. magere melk: de melkafgifte van één of meer koeien waaraan niets is toegevoegd en waarvan alleen het vetgehalte is verlaagd;

d. %: massaprocenten;

e. verordening (EU) 1169/2011: Verordening (EU) nr. 1169/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2011 betreffende de verstrekking van voedselinformatie aan consumenten, tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 1924/2006 en (EG) nr. 1925/2006 van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijn 87/250/EEG van de Commissie, Richtlijn 90/496/EEG van de Raad, Richtlijn 1999/10/EG van de Commissie, Richtlijn 2000/13/EG van het Europees Parlement en de Raad, Richtlijnen 2002/67/EG en 2008/5/EG van de Commissie, en Verordening (EG) nr. 608/2004 van de Commissie (PbEU 2011, L 304).

2. Deze regeling is niet van toepassing op waren die bestemd zijn voor uitvoer naar een land dat:

a. niet behoort tot de Europese Unie; of

b. geen partij is bij de Overeenkomst inzake de Europese Economische Ruimte.