Bijlage 4 Regeling examenprogramma's algemene eindexamenvakken v.b.o. en m.a.v.o.

Regeling examenprogramma's algemene eindexamenvakken v.b.o. en m.a.v.o.

Examenprogramma WISKUNDE eindexamens v.b.o.-D, v.b.o.-C, m.a.v.o.-D en m.a.v.o.-C Centraal examen en schoolonderzoek 1. Indeling Het eindexamen bestaat uit het centraal examen en het schoolonderzoek. Het centraal examen wordt afgenomen in een zitting die twee uur duurt. 2. Het centraal examen 3. Het schoolonderzoek Het schoolonderzoek heeft betrekking op de gehele examenstof. Het schoolonderzoek wordt zo ingericht dat: Aanwijzingen C en D Het examen C en D omvat alle onder Examenstof omschreven vaardigheden en eindtermen, zij het dat voor C de volgende (onderdelen van) eindtermen zijn uitgezonderd: domein nr. eindtermen of onderdelen die niet gelden voor C A. 19 Horizontale verschuiving. 24 In een formule een expressie vervangen door een variabele, en omgekeerd. 28 Exponentiële verbanden herkennen en gebruiken: 29 Voorzover n > 3. 32 De begrippen periode en amplitude herkennen. B. 38 Vermenigvuldigen met en delen door machten van 10. 41 Berekeningen uitvoeren met een groeifactor of -percentage. C. 55 Bij redeneren, tekenen en berekenen gebruik maken van goniometrische verhoudingen sinus en cosinus. 56 Verklaren dat een figuur niet te tekenen is wegens onvoldoende of strijdige gegevens. D. 60 Statistische gegevens verzamelen en weergeven met behulp van een box-plot. 69 Combinatorisch tellen van mogelijkheden en complexe boomdiagrammen. Het onderscheid tussen beide examens berust voor het overige op verschillen in examenopgaven en -opdrachten. Het verschil tussen C en D komt bovendien tot uiting in: Examenstof De examenstof is omschreven in vaardigheden en eindtermen. 1. Vaardigheden De volgende vaardigheden worden getoetst in relatie met de eindtermen: De kandidaat kan 2. Eindtermen Domein A.: Algebraïsche verbanden: tabellen, grafieken, formules, verwoording Subdomein: tabellen De kandidaat kan