Art. 1 Regeling uitvoering vervoerplan EZ

Regeling uitvoering vervoerplan EZ

In deze regeling wordt verstaan onder:

de minister van Economische Zaken;

het ministerie van Economische Zaken en de daaronder ressorterende diensten, met uitzondering van het Centraal Bureau voor de Statistiek;

personeelslid van het ministerie met een aanstelling in vaste of in tijdelijke dienst;

reizen tussen de woonplaats en de plaats van tewerkstelling;

tijdvak waarin uitvoering aan het vervoerplan wordt gegeven;

bonnen voor fietsonderhoud en -accessoires bij een daartoe door de directeur Interne Zaken aan te wijzen onderneming;

een als zodanig door de openbaar vervoerbedrijven aangeduid openbaar vervoergebied met een bepaalde trajectafstand;

OV-zone waarbinnen zich het werkadres van de medewerker bevindt;

de afstand tussen woonplaats en plaats van tewerkstelling gemeten in treinkilometers volgens de methodiek van de Nederlandse Spoorwegen bij woon-werkverkeer per trein, respectievelijk de trajectafstand van OV-zones bij andere vormen van openbaar vervoer, of een combinatie van beide;

de voor de betrokken vervoerperiode door de Staat, vertegenwoordigd door de minister met NS Reizigers B.V. gesloten grootverbruikersovereenkomst betreffende de levering van openbaar vervoerjaarkaarten aan medewerkers;

Vervallen.

de maximum vergoeding per maand ingevolge artikel 12a van de Verplaatsingskostenregeling 1989;

voor het ministerie in enge zin de directeur Interne Zaken en voor de onder het ministerie ressorterende diensten de respectieve hoofden van die diensten;

de zogeheten optie, als omschreven in de brochure ‘de fiets EZ 1998’, kenmerk IZ/september 1997.