Bijlage I Warenwetbesluit asbest: methode van onderzoek
Het onderzoek naar de hechtheid van de binding van asbestvezels in artikelen geschiedt als volgt: Doel van de test is het bepalen van de hechtheid van de binding van asbestvezels in materialen. De bepaling kan in principe worden gebruikt voor asbestbevattende materialen waarin de asbestvezels worden omgeven door een matrix materiaal en waaruit een proefstuk van 3 * 3 cm gezaagd kan worden. Behalve op vlakke proefstukken is deze test ook toepasbaar op proefstukken met een licht gebogen oppervlak. De kromtestraal van het oppervlak dient dan minstens 5 cm te zijn. Het materiaal wordt blootgesteld aan een luchtstraal beladen met glasbolletjes met een gemiddelde diameter van 50 µm. Door verschillende materialen achtereenvolgens en onder gelijke omstandigheden aan deze straalbewerking bloot te stellen zal, afhankelijk van de hechtheid van het onderzochte materiaaloppervlak, hiervan een bepaalde hoeveelheid worden afgeslepen. De hoeveelheid vrijgekomen asbest wordt bepaald en het eindresultaat wordt als een kwaliteitsfactor weergegeven. 1. Een microstraalapparaat zonder recirculatiesysteem waarmee de in hoofdstuk 4 te noemen proefomstandigheden te realiseren zijn, zoals COMCO MB 100 "Microblaster" van Comco Inc. 2151 North Lincoln Street, Burbank, California, U.S.A. 2. Een afzuigbare straalkast voorzien van een draaiend platform met een draaisnelheid van twee omwentelingen per minuut. 3. Een afzuigapparaat voorzien van een HEPA-filter. Het debiet van dit afzuigapparaat moet zo groot zijn dat al het vrijkomende materiaal naar het filter wordt getransporteerd en er voldoende onderdruk in de straalkast ontstaat zodat er geen vrijkomend asbest naar buiten kan lekken. 4. Stikstofgas met een druk van 800 kPa, waarvan het vochtgehalte kleiner is dan 100 ppm. 5. Glasbolletjes met een deeltjesgrootteverdeling die ligt tussen de in figuur 2 met streeplijnen aangegeven grenzen (bij voorbeeld glassbeads 50, type D van Comco Inc.) 6. Droogstof voor het drogen van een straalmiddel. Voor
- - Droog het straalmiddel gedurende ten minste vier uur bij 105°C in een droogstoof.
- - Zaag op een aantal plaatsen, zowel bij het midden als bij de randen van het te testen bulkmateriaal, ten minste vijf proefblokjes uit van 3 * 3 cm. De kromtestraal van het testoppervlak moet ten minste 5 cm zijn. Bedek de zaagranden met lak of polyester.
- - Stel de beschreven apparatuur binnen de vereiste nauwkeurigheid in volgens de onder 4 beschreven proefomstandigheden.
- - Weeg het blokje en breng het in de testkamer op het draaiplateau. Schakel de afzuiging in. Schakel het straalapparaat in en meet de straaltijd in seconden nauwkeurig met een stopwatch.
- - Bepaal de totale hoeveelheid afgestraald stof na vijf minuten, door wegen van het blokje. Bij zeer los gebonden materialen moet dit gegeven door extrapolatie worden bepaald.
- - Bepaal het percentage asbest in de slijtlaag (het dubbel gearceerde gedeelte in figuur 3) door middel van röntgendiffractieanalyse. Bij gecoate materialen is het belangrijk daarbij de slijtdiepte na vijf minuten nauwkeurig aan te houden. Wanneer de slijtdiepte na vijf minuten minder dan 10 à 15 µm bedraagt, kan de bepaling van het asbestgehalte achterwege worden gelaten. Ook bij een hoog asbestgehalte zal het materiaal nog een hoge kwaliteitsfactor scoren.
- - Voor de proef bij ten minste vijf proefblokjes uit en bepaal de gemiddelde K-waarde en het 95%-betrouwbaarheids interval. Wanneer in bepaalde gevallen een grotere nauwkeurigheid gewenst is wordt het aantal steekproeven dienovereenkomstig uitgebreid.
- - Voer bij iedere serie proefnemingen dezelfde bewerkingen uit met een of meer referentiematerialen.