Art. 4 Besluit verdachte dieren
Onze Minister besluit tot de beëindiging van de verdenking, indien:
a. de in artikel 2, onderdeel a, bedoelde verschijnselen opgehouden hebben te bestaan, of
b. Onze Minister de overtuiging heeft gekregen dat de dieren niet aan een besmettelijke dierziekte lijden.