Bijlage 3 Algemene wet erkenning EG-beroepsopleidingen: de lijst van opleidingen met een bijzondere structuur die is opgenomen in bijlage D van richtlijn 92/51 naar de tekst zoals deze bij die richtlijn is vastgesteld
Algemene wet erkenning EG-beroepsopleidingen
Lijst van opleidingen met een bijzondere structuur, als bedoeld in artikel 3, onder b), eerste alinea, derde streepje van de richtlijn 92/51 In het Verenigd Koninkrijk De gereglementeerde opleidingen die leiden tot kwalificaties die als "National Vocational Qualifications" (NVQ) zijn goedgekeurd, of in Schotland zijn goedgekeurd als "Scottish Vocational Qualifications", en die behoren tot de niveaus 3 en 4 van het National Framework of Vocational Qualifications van het Verenigd Koninkrijk. Deze niveaus komen overeen met de volgende omschrijvingen: In Duitsland de volgende gereglementeerde opleidingen: In Nederland de volgende gereglementeerde opleidingen In Oostenrijk 2 De minimumduur van drie jaar kan worden gereduceerd tot twee indien de betrokkene de kwalificatie bezit die nodig is om tot de universiteit te worden toegelaten (het "Arbitur") namelijk dertien jaar voorafgaande opleiding, of de kwalificatie die nodig is om tot de "Fachhochschule" te worden toegelaten (de "Fachhochschulreife"), namelijk twaalf jaar voorafgaande opleiding.
- - niveau 3: Bekwaamheid voor een groot aantal uiteenlopende werkzaamheden in zeer verschillende omstandigheden, meestal met een complex karakter en geen routinewerk. Er is een grote verantwoordelijkheid en zelfstandigheid aan verbonden en vaak wordt verlangd dat men toezicht uitoefent op of leiding geeft aan anderen.
- - niveau 4: Bekwaamheid voor een groot aantal complexe, technische of gespecialiseerde werkzaamheden in zeer verschillende omstandigheden en met een hoge mate van persoonlijke verantwoordelijkheid en zelfstandigheid. Dikwijls is men verantwoordelijk voor het werk van anderen en voor de verdeling van financiële middelen.
- - die voor de beroepen technisch assistent ("Technischer/Technische Assistent(in)") en commercieel assistent ("Kaufmännischer/Kaufmännische Assistent(in)") en voor de sociale beroepen ("Soziale Berufe"), alsook voor het beroep van adem-, spraak- en stemleraar met een staatsdiploma ("Staatlich geprüfter Atem-, Sprech- und Stimmlehrer(in)"), met een totale duur van ten minste 13 jaar, die impliceren dat de eerste cyclus van het secundair onderwijs ("Mittlerer Bildungsabschluss") met succes werd voltooid en het volgende omvatten:
- - hetzij ten minste drie jaar beroepsopleiding aan een vakschool ("Fachschule"), die met een examen wordt afgesloten, eventueel aangevuld met een specialisatiecyclus van één of twee jaar, die met een examen wordt afgesloten,
- - hetzij ten minste twee en een half jaar beroepsopleiding aan een vakschool ("Fachschule"), die met een examen wordt afgesloten, aangevuld met ten minste zes maanden beroepspraktijk of ten minste zes maanden beroepsgerichte stage in een erkende instelling,
- - hetzij ten minste twee jaar beroepsopleiding aan een vakschool ("Fachschule") die met een examen wordt afgesloten, aangevuld met ten minste één jaar beroepspraktijk of ten minste één jaar beroepsgerichte stage in een erkende instelling;
- - die voor het beroep van technicus ("Techniker(in)"), bedrijfseconoom ("Betriebswirte(in)"), ontwerper ("Gestalter(in)") en gezinsverzorger ("Familienpfleger(in)") met een staatsdiploma ("Staatlich geprüft"), met een totale duur van ten minste 16 jaar, die impliceren dat het verplichte schoolonderwijs of een soortgelijke opleiding werd gevolgd (doorgaans negen jaar) en dat een opleiding aan een vakschool ("Berufsschule") van ten minste drie jaar met succes is voltooid, en het volgende omvatten: ten minste twee jaar praktijkervaring gevolgd door een opleiding van ten minste twee jaar voltijds of van een gelijkwaardige duur deeltijds;
- - de gereglementeerde opleidingen en de gereglementeerde vervolgopleidingen, met een totale duur van ten minste 15 jaar, die gewoonlijk impliceren dat het verplichte schoolonderwijs (doorgaans negen jaar) en een beroepsopleiding (doorgaans drie jaar) werden gevolgd en gewoonlijk het volgende omvatten: ten minste twee jaar (doorgaans drie jaar) beroepspraktijk alsook een examen in het kader van de vervolgopleiding ter voorbereiding waarvan gewoonlijk begeleidende opleidingsmaatregelen worden genomen hetzij naast de beroepspraktijk (ten minste 1000 uren), hetzij voltijds (ten minste één jaar).
- - gereglementeerde opleidingscyclussen met een totale duur van ten minste vijftien jaar, die impliceren dat acht jaar basisonderwijs, plus vier jaar hetzij middelbaar algemeen voortgezet onderwijs (MAVO), hetzij voorbereidend beroepsonderwijs (VBO), hetzij algemeen voortgezet onderwijs van een hoger niveau met succes is voltooid en dat een drie- of vierjarige opleiding in een school voor middelbaar beroepsonderwijs (MBO) is voltooid, die wordt afgesloten met een examen;
- - gereglementeerde opleidingscyclussen met een totale duur van ten minste zestien jaar, die impliceren dat acht jaar basisonderwijs, plus minstens vier jaar voorbereidend beroepsonderwijs (VBO) of algemeen voortgezet van een hoger niveau met succes is voltooid en dat een beroepsopleiding van ten minste vier jaar in het leerlingwezen is voltooid, met ten minste één dag per week theoretisch onderwijs op school en de andere dagen een praktijkopleiding in een bedrijf of praktijkleerplaats, afgesloten met een examen van het secundaire of tertiaire niveau.
- - opleidingen die worden verstrekt in scholen voor hoger beroepsonderwijs ("berufsbildende höhere Schulen") en onderwijsinstellingen van een hoger niveau voor land- en bosbouw ("höhere land- und fortwirtschaftlichen Lehranstalten"), met inbegrip van de bijzondere vormen ("einschließlich der Sonderformen"), waarvan structuur en niveau zijn vastgesteld bij wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen. Deze opleidingen hebben een totale duur van ten minste dertien jaar en omvatten vijf jaar beroepsopleiding, die wordt afgesloten met een eindexamen, dat het bewijs levert van vakbekwaamheid;
- - opleidingen in meesterscholen ("Meisterschulen"), meesterklassen ("Meisterklassen"), industriële meesterscholen ("Werkmeisterschulen") of vakscholen voor bouwvakarbeiders ("Bauhandwerkerschulen"), waarvan structuur en niveau zijn vastgesteld bij wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen. Deze opleidingen hebben een totale duur van ten minste dertien jaar, waarvan negen jaar verplicht schoolonderwijs gevolgd door hetzij ten minste drie jaar beroepsopleiding in een gespecialiseerde school, hetzij ten minste drie jaar opleiding in een bedrijf en parallel in een vakschool ("Berufsschule"), die beide afgesloten worden met een examen en aangevuld worden met een opleiding van ten minste één jaar in een meesterschool ("Meisterschule"), meesterklas ("Meisterklasse"), industriële meesterschool ("Werkmeisterschule") of vakschool voor bouwvakarbeiders ("Bauhandwerkerschule"). In de meeste gevallen bedraagt de totale duur ten minste vijftien jaar, waarvan perioden met werkervaring, die voorafgaand aan de opleidingen in deze instellingen werd opgedaan of wordt aangevuld met deeltijdse opleidingen (minstens 960 uren).