Art. 5.8.51 Voertuigreglement, Permanente eisen

Voertuigreglement

Landbouw- of bosbouwtrekkers moeten zijn voorzien van:

a. twee dimlichten en indien het voertuig aan de voorzijde wordt voorzien van werktuigen die de dimlichten afschermen, twee extra dimlichten;

b. twee stadslichten en indien het voertuig aan de voorzijde wordt voorzien van werktuigen die de stadslichten afschermen, twee extra stadslichten;

c. ten minste twee richtingaanwijzers die naar voren stralen en ten minste twee richtingaanwijzers die naar achteren stralen, alsmede waarschuwingsknipperlichten;

d. twee achterlichten;

e. twee remlichten;

f. twee of vier niet-driehoekige rode retroreflectoren;

g. een rode retroreflector in de vorm van een afgeknotte driehoek.