Art. 5.11.12 Voertuigreglement, Permanente eisen

Voertuigreglement

1. De tractiebatterij van gehandicaptenvoertuigen moet deugdelijk zijn bevestigd.

2. De bedrading van gehandicaptenvoertuigen moet deugdelijk zijn bevestigd en goed zijn geïsoleerd.

3. Gehandicaptenvoertuigen moeten zijn voorzien van een beveiliging tegen overbelasting. Na een onderbreking van de stroomvoorziening moet de bestuurder deze door middel van een schakelaar, welke zich binnen het bereik van de bestuurder bevindt, kunnen herstellen.