Bijlage C B.t.v.: congruentieregels voor het levensverzekeringsbedrijf
Besluit technische voorzieningen verzekeringsbedrijf 1994 (B.t.v.)
De regels, bedoeld in artikel 10, eerste lid, met betrekking tot het levensverzekeringsbedrijf luiden als volgt: De muntsoort waarin de verplichtingen van de verzekeraar luiden, wordt als volgt vastgesteld:
- 1. Wanneer de dekking van een overeenkomst in een bepaalde muntsoort is uitgedrukt, wordt ervan uitgegaan dat de verplichtingen van de verzekeraar opeisbaar zijn in deze muntsoort.
- 2. De Pensioen- & Verzekeringskamer kan de verzekeraar toestaan om tegenover zijn technische voorzieningen geen waarden te stellen die inbaar of te gelde te maken zijn in dezelfde muntsoort als waarin de dekking van de overeenkomst luidt, indien uit de toepassing van de voorgaande bepaling voortvloeit dat de verzekeraar om te voldoen aan het beginsel, bedoeld in de artikelen 66, zesde lid, eerste volzin, en 94, zesde lid, eerste volzin, van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993 over waarden in een bepaalde muntsoort moet beschikken voor een bedrag van niet meer dan zeven procent van de waarden in andere muntsoorten.
- 3. De Pensioen- & Verzekeringskamer kan bepalen dat zij van de verzekeraar de toepassing van het beginsel, bedoeld in de artikelen 66, zesde lid, eerste volzin, en 94, zesde lid, eerste volzin, van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993 niet verlangt, indien:
- a. de verplichtingen opeisbaar zijn in een andere muntsoort dan die van een van de lid-staten;
- b. voor beleggingen in deze muntsoort voorschriften bestaan;
- c. voor deze muntsoort transferbeperkingen gelden; of
- d. deze muntsoort om soortgelijke redenen ongeschikt is om te worden gebruikt tot dekking van technische voorzieningen.
- 4. De verzekeraar mag een bedrag van ten hoogste twintig procent van zijn in een bepaalde muntsoort luidende verplichtingen dekken met waarden die inbaar of te gelde te maken zijn in een andere muntsoort als waarin de dekking van de overeenkomst luidt. De totale waarden in alle muntsoorten te zamen moeten ten minste gelijk zijn aan de totale verplichtingen in alle muntsoorten te zamen.
- 5. De Pensioen- & Verzekeringskamer kan bepalen dat, wanneer krachtens de voorgaande bepalingen tegenover verplichtingen waarden moeten staan die luiden in de muntsoort van een lid-staat, aan deze voorwaarde eveneens is voldaan indien de betreffende waarden in euro luiden.